Wat is de betekenis van dinges?

2020
2020-11-25
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

dinges

vervangende naam. gebruikt als vervangende naam voor personen of zaken die men niet bij de werkelijke naam kan of wil benoemen. Voorbeelden: 'Ik heb zonet een motorfiets gekocht.' 'Ja? Ik heb ook een motorfiets [...]. Welke heb jij gekocht?' 'Ik? Wel, eh, een dinges, een Kawasaki duizend. Wreed machien, makke...

Lees verder
2020
2020-11-25
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

dinges

1) (18e eeuw) (sch.) iemand of iets waarvan de naam niet te binnen schiet. Vgl. Frans: 'chose'; Engels: 'Mr Thing'. Reeds bij Bekker, wed. Wolff (Historie van de heer Willem Leevend. 1784-1785). De term wordt ook gebruikt in het Zuid-Afrikaans. Syn.: huppeldepup*; hussemezus*; je* weet wel; puntje* puntje; watjekal*; zo* en z...

Lees verder
2019
2020-11-25
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

dinges

dinges - Zelfstandignaamwoord 1. (spreektaal) geeft een onbepaald voorwerp of persoon aan, waarvan of van wie men niet op de naam of benaming komt

Lees verder
1973
2020-11-25
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

dinges

naam waarmee men iemand of iets aanduidt wiens of welks naam men op dat ogenblik niet kan of wil noemen: meneer Dinges, meneer die en die.

1898
2020-11-25
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Dinges

DINGES, naam waarmee men iem. aanduidt wiens eigennaam men op 't oogenblik niet kan of wil noemen: Meneer Dinges, meneer die en die.

Gerelateerde zoekopdrachten