Wat is de betekenis van Dikte?

2026-01-17
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Dikte

v. (-n), 1. het dik-zijn; 2. de afmeting dik (met of zonder maat): de dikte van liet ijs, van een boom ; een dikte van vier voet; 3. de toestand van dik (opeengepakt of dikvloeibaar) te zijn : de dikte van de mist, van de verf ; 4. dikke, verdikte, opgezwollen plaats; een dikte aan een tak ; hij heeft een dikte aan zijn voet.

Wil je toegang tot alle 20 resultaten?

Studenten van onderstaande onderwijsinstellingen hebben gratis toegang

Universiteit Leiden University of Amsterdam Universiteit Utrecht
2026-01-17
Indonesisch Nederlands woordenboek

W. J. S. Poerwadarminta en dr. A. Teeuw (1950)

dikté

dictee; mendiktékan, dicteren.