Wat is de betekenis van Diensttijd?

2020
2022-10-06
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

diensttijd

Het begrip diensttijd heeft 3 verschillende betekenissen: 1) werkperiode bij één werkgever. periode waarin iemand werkzaam is bij dezelfde werkgever; periode met een dienstverband bij dezelfde werkgever; werkperiode bij één werkgever. 2) werktijd. tijd waarin iemand dienst heeft; werktijd volgens een diens...

Lees verder
2019
2022-10-06
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

diensttijd

diensttijd - Zelfstandignaamwoord 1. de tijd dat men moet werken of heeft gewerkt Een zelfmoordaanslag met een autobom heeft zaterdag 13 soldaten die in Turkijke in een bus zaten het leven gekost. 56 anderen raakten gewond. De soldaten waren buiten diensttijd naar de markt geweest in de stad Kayseri...

Lees verder
2018
2022-10-06
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

diensttijd

diensttijd - zelfstandig naamwoord uitspraak: dienst-tijd 1. de tijd dat je in militaire dienst gezeten hebt ♢ Herwin heeft zijn diensttijd doorgebracht in 't Harde 2. de tijd dat je in dienst was van een bedrijf ...

Lees verder
2013
2022-10-06
Aegon

Premium schrijver bij Ensie

Diensttijd

De diensttijd (of dienstjaren) is de tijd dat iemand arbeid heeft verricht voor een huidige werkgever. Deze tijd wordt gebruikt bij het berekenen van uw pensioenaanspraken.

1973
2022-10-06
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Diensttijd

m., tijd gedurende welke men dient, gediend heeft of dienen moet.

1950
2022-10-06
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Diensttijd

m., tijd gedurende welke men dient, gediend heeft of dienen moet.

1947
2022-10-06
Winkler Prins Encyclopedie

Winkler Prins 1947

DIENSTTIJD

omvat in engere zin de tijd, gedurende welke de dienstplichtige voor de vervulling van zijn eerste oefening onder de wapenen moet blijven. Bedoelde periode kent maximum grenzen, welke in NEDERLAND in de Dienstplichtwet zijn vastgelegd. Art. 28 van de Dienstplichtwet 1948 stelt de diensttijd voor dienstplichtigen van de Koninklijke landmacht op ten...

Lees verder
1930
2022-10-06
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

diensttijd

m. tijd gedurende welke men militair is (geweest) of een betrekking heeft vervuld.

1898
2022-10-06
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Diensttijd

DIENSTTIJD, m. tijd, gedurende welken men dient, gediend heeft of dienen moet.