Wat is de betekenis van deugdzaam?

2019
2022-01-22
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

deugdzaam

deugdzaam - Bijvoeglijk naamwoord 1. bereid zich te gedragen in overeenstemming met algemeen aanvaarde waarden     ♢ Een deugdzaam leven is een wijs leven. Woordherkomst Afgeleid van deugd met het achtervoegsel -zaam. Antoniemen ondeugd, slechtheid

Lees verder
2001
2022-01-22
Filosofisch woordenboek

Paul Frentrop - Voor rede vatbaar

Deugdzaam

Om hun status te markeren vertonen de rijken gedrag dat kan worden gekenschetst als opzichtig verteren: conspicuous consumption.1 Een stamhoofd in Papoea-Nieuw-Guinea dat een feestmaal voor het hele dorp aanricht door veel varkens te slachten, doet dat net zo goed als de jetset in New York die dames en juwelen laat schitteren bij de opening van een...

Lees verder
1973
2022-01-22
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Deugdzaam

bn. en bw. (-zamer, -st), 1. vol deugd, tot deugd geneigd, goede zeden bezittend: een deugdzaam meisje; 2. deugdelijk: deugdzame stof.

Lees verder
1952
2022-01-22
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Deugdzaam

adj., deugdsum, deugdlik.

1950
2022-01-22
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Deugdzaam

bn. bw. (...zamer, -st), 1. vol deugd, tot deugd geneigd, goede zeden bezittende: een deugdzaam meisje; 2. deugdelijk : deugdzame stof.

Lees verder
1937
2022-01-22
Koenen

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

deugdzaam

bn., bw.; deugdzamer, -st (rijk aan deugd; van deugd getuigend): een - man, een - meisje; hij leeft -.

1898
2022-01-22
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Deugdzaam

DEUGDZAAM, bn. bw. (...zamer, -st), vol deugd, tot deugd geneigd, goede zeden bezittende: een deugdzaam meisje; deugdelijk: deugdzame stof. DEUGDZAAMHEID, v. deugd; (fig.) duurzaamheid.

Lees verder