Wat is de betekenis van deftigheid?

2019
2021-01-26
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

deftigheid

deftigheid - Zelfstandignaamwoord 1. het deftig zijn Woordherkomst afgeleid van deftig met het achtervoegsel -heid

Lees verder
2018
2021-01-26
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

deftigheid

deftigheid - zelfstandig naamwoord uitspraak: def-tig-heid 1. het deftig zijn ♢ de deftigheid van het Concertgebouwpubliek is duidelijk 2. iets deftigs ♢ ik hou niet van die deftigheid bij zo'n...

Lees verder
1973
2021-01-26
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

deftigheid

v., het deftig-zijn; (metonymisch) deftig persoon of (coll.) deftige personen.

1950
2021-01-26
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Deftigheid

v., het deftig-zijn; (meton.) deftig persoon of (coll.) deftige personen.

1898
2021-01-26
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Deftigheid

zie Ernst.