2020-04-06

Decadent

Het woord decadent gebruikt men bijvoorbeeld wanneer een persoon zich uiterst verfijnd voordoet, maar eigenlijk weinig inhoud heeft. Een ander voorbeeld is dat een persoon graag wil laten zien hoe luxe hij leeft, maar het wel iemand is met een slap karakter. Decadent in de betekenis van decadent doen, wordt meestal gebruikt als een persoon uit de hoogte doet. Het woord decadent verwijst ook naar cultuurgerelateerde zaken. Volgens Oswald Spengler, Duits filosoof en cultuurhistoricus (1880-1936),...

2020-04-06

decadent

decadent - Zelfstandignaamwoord 1. (kunst) kunstenaar wiens werk verschijnselen van een tijdperk van verval vertoont decadent - Bijvoeglijk naamwoord 1. ontaard, verworden, verval     ♢ De decadente burgers gooiden de restjes van de maaltijd naar de hongerige mensen. 2. zeer verfijnd, maar innerlijk krachteloos 3. duur maar smakeloos Woordherkomst Ontleend aan het Franse décadent ‘in verval’

2020-04-06

decadent

decadent - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: de-ca-dent 1. slap geworden door teveel luxe ♢ het is decadent om elke dag een warm bad te eisen Bijvoeglijk naamwoord: de-ca-dent ... is decadenter dan ... het decadentst de/het decadente ... iets decadents

2020-04-06

Decadent

DECADENT, m. (-en), kunstenaar wiens werk verschijnselen van een tijdperk van verval vertoont inz. bijzondere verfijning van uitdrukkingswijze bij gebrek aan innerlijke kracht.

2020-04-06

decadent

1 aj. In verval, achteruitgaand, naar zijn ondergang; 2 m. kunstenaar uit de school van gemaniëreerde, door overbeschaving verfijnde, maar ook verslapte dichters, romanschrijvers of schilders uit een vervaltijdperk.