Wat is de betekenis van De facto?

2013
2022-07-05
Winish Ganesh

Fractiemedewerker Tweede Kamerfractie PvdA

De facto

De facto is een begrip uit het Latijn waarmee wordt uitgelegd hoe een bepaalde feitelijke situatie is. Indien een persoon voornemens is zijn huis uit te breiden met een serre, dient hij bij het college van burgemeester en wethouders een vergunning aan te vragen voor deze uitbouw. In een dergelijk geval buigt het college van burgemeester en wethoude...

Lees verder
1994
2022-07-05
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

De facto

[Lat.] in feite (bijv.:erkennen) (vgl. de jure).

1993
2022-07-05
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

De facto

feitelijk

1981
2022-07-05
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

De facto

(Lat.), feitelijk. Wordt een staat de facto erkend, dan wordt daarmee te kennen gegeven dat zijn aanwezigheid als feit (factum) wordt erkend, zonder oordeel of hij lang stand zal houden; zie de jure.

1973
2022-07-05
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

De facto

[Lat., in feite], bw., feitelijk (in tegenstelling tot de jure, rechtens): een regering erkennen; -verkenning.

1955
2022-07-05
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

De facto

werkelijk, metterdaad; eigenmachtig.

1950
2022-07-05
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

De facto

(Lat.), bw., feitelijk (in tegenst. met de jure, rechtens): een regering de facto erkennen.

1949
2022-07-05
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

De facto

(Lat. werkelijk, feitelijk). In het volkenrecht spreekt men van D.-erkenning van een regering of van een staat als - meestal na een geslaagde revolutie - andere regeringen de feitelijke gezagsuitoefening van die regering of staat erkennen, zonder hieraan onmiddellijk het volledig rechtsgevolg te verbinden. Bij een D. erkende regering laat een staat...

Lees verder
1948
2022-07-05
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

de facto

(Lat.) werkelijk, feitelijk, metterdaad; eigenmachtig, zonder verdere omstandigheden.

1940
2022-07-05
gevleugelde woorden

J.H. de Ruijter

De facto

Feitelijk (tegenover „de jure” == rechtens).

1937
2022-07-05
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

de facto

(Lat. werkelijk, feitelijk).

1933
2022-07-05
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

De facto

(Dal.) — in werkelijkheid.

1910
2022-07-05
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

De facto

De facto - eigenmachtig.

1898
2022-07-05
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

De facto

DE FACTO, bw. feitelijk (in tegenst. met de jure, rechtens).

1864
2022-07-05
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

de facto

de facto - bijw. feitelijk (in tegenst. van de jure, rechtens)