Wat is de betekenis van crapuul?

2020
2021-09-27
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

crapuul

gemeen, ordinair volk; gepeupel. gemeen, ordinair volk; canaille; gepeupel; janhagel; tuig; uitschot. Voorbeelden: Mensenkenner als hij was had hij van bij het eerste oogcontact gezien dat die Nikki iemand was die [...] slechts in contact kwam met mannen waarvoor de omschrijvingen 'achterlijk crapuul', 'stinkend kreupe...

Lees verder
2020
2021-09-27
Onze Taal

Genootschap Onze Taal | Woordpost

CRAPUUL

UIT: Minaretten: je haat ze of je houdt van ze (Marcia Nieuwenhuis, De Pers, 17 februari 2010) CONTEXT: "Als er tegenspraak is vanuit de bevolking, zegt PvdA-wethouder Henk Kool doodleuk dat je de gewone burger niet te veel voor het zeggen moet geven in Den Haag. Want voor je het weet, heeft het CRAPUUL van Wilders het voor het zeggen. Wij wi...

Lees verder
2020
2021-09-27
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

crapuul

(19e eeuw) (scheldw.) onbeschaafd persoon; gemeen iemand. Vaak ook als meervoudsvorm voor gespuis; gepeupel; uitschot. Komt van het Franse 'crapule', dat is overgenomen uit het Latijn, waar 'crapula' roes, brasserij betekent. In de (communistische) oproep die kort voor de februaristaking in 1941 in Amsterdam verspreid werd, o...

Lees verder
2019
2021-09-27
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

crapuul

crapuul - Zelfstandignaamwoord 1. onbeschaafd volk, onbeschaafd persoon     ♢ Sport is drager van gemeenschapszin. Velden en tribunes zijn soms de enige plekken waar in een week nog iets van sociale uitwisseling plaatsvindt. Dat geef je niet op voor een dreiging van religieus crapuul. Ook in het perspec...

Lees verder
2015
2021-09-27
Typisch Vlaams

Door Ludo Permentier en Rik Schutz

crapuul

uitschot Wat een crapuul zijn jullie kinderen', schreeuwde een man eerst. 'Zijn jullie kinderen misschien opgevoed in het bos?' riep een andere man daarna. 'Dit is een zeer racistische opmerking', aldus Boutina. (De Standaard) Crapuul' komt via het Frans van het Latijnse 'crapula' (roes). Bel...

Lees verder
2007
2021-09-27
Scheldwoordenboek

Geschreven door Marc de Coster © 2007

crapuul

onbeschaafd persoon; gemeen iemand. Vaak ook als meervoudsvorm voor gespuis; gepeupel; uitschot. Komt van het Franse crapule, dat is overgenomen uit het Latijn, waar crapula roes, ‘brasserij’ betekent. In de (communistische) oproep die kort voor de Februaristaking in 1941 in Amsterdam verspreid werd, om te protesteren tegen de Jodenverv...

Lees verder
1993
2021-09-27
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Crapuul

(crapule) het gemene volk