Wat is de betekenis van Contingent?

2019
2021-09-26
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

contingent

contingent - Zelfstandignaamwoord 1. verplichte bijdrage in de krijgsmacht, belastingen enz 2. (economie) toegewezen aandeel contingent - Bijvoeglijk naamwoord 1. toevallig, niet noodzakelijk     ♢ Sommigen vinden dat wij in een contingente wereld leven. Woordherkomst afgeleid va...

Lees verder
2013
2021-09-26
Reiswoordenboek

Reisbegrippen omschreven

Contingent

Contingent kamers zijn kamers die door de reisorganisatie zijn ingekocht. De reisorganisatie hoeft, indien men gasten heeft voor die kamer(s) eerst te bellen met het hotel of deze vrij zijn.

1994
2021-09-26
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Contingent

[Fr., van Lat. contingens, o.dw van contingere = voorvallen; zie contigu]; I zn aandeel in troepen, lasten e.d.; officieel vastgestelde hoeveelheid goederen voor in- of uitvoer; II bn toevallig.

Lees verder
1994
2021-09-26
Lexicon Nederland en België

Lexicon van de geschiedenis van Nederland & België

Contingent

Contingent, in de tijd van de voc de jaarlijkse levering van bepaalde hoeveelheden produkten door de inheemse bevolking. Het was een belasting in natura, die moest worden opgebracht door de regenten van de door Mataram aan de voc afgestane gebieden. De contingenten die de voc eiste, waren niet zwaar en werden zelfs niet altijd ingevorderd. De inlan...

Lees verder
1993
2021-09-26
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Contingent

(kontingent) aandeel; bijdrage; toevallig; bijkomstig

1992
2021-09-26
Een woordenboek van de filosofie

Begrippen, stromingen, denkers

Contingent

Gewoonlijk: noch noodzakelijk noch onmogelijk. Zie modaliteiten.

1990
2021-09-26
Kernpunten van de economie

Alle begrippen uit de economie

Contingent

Wanneer er maxima worden verbonden aan bepaalde hoeveelheden, wordt er vaak gesproken van contingenten. Bij importbeperkingen is het contingent de maximaal in te voeren hoeveelheid. Bij het bankwezen duidt het contingent aan hoeveel de banken maximaal ‘rood’ mogen staan bij de Nederlandsche Bank.

1981
2021-09-26
Geschiedenis Lexicon

H.W.J. Volmuller (1981)

Contingent

in de tijd van de voc de jaarlijkse leveringen van bepaalde hoeveelheden produkten, die door de regenten van de door Mataram aan de voc afgestane gebieden geleverd moesten worden als belasting in natura. De contingenten, die de voc eiste, waren niet zwaar en werden zelfs niet altijd geregeld gevorderd, maar de inlandse hoofden maakten ten eigen bat...

Lees verder
1973
2021-09-26
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Contingent

[Lat.], I. zn. (-en), 1. aantal dienstplichtigen dat in een bepaalde periode (meestal een jaar) nodig is voor de legervorming van een land; aantal troepen dat de staten van een statenbond moet leveren voor de vorming van een bondsleger; 2. de maximaal toegelaten invoer van een artikel gedurende een bepaalde periode in een land; 3. belasting in na...

Lees verder
1955
2021-09-26
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Contingent

o., rechtmatig aandeel; verplichte bijdrage; bepaald getal troepen, dat geleverd moet worden.

1950
2021-09-26
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Contingent

(<Fr.), I. o. (-en), 1. verplicht aandeel (in gezamenlijk bijeen te brengen krijgsvolk, belastingen enz.); — bijdrage. 2. (econ.) toegewezen aandeel. II. bn., voorwaardelijk, accidenteel, incidenteel.

Lees verder
1949
2021-09-26
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Contingent

(1) (krijgskunde) het aantal afgerichte soldaten onder bepaalde omstandigheden, dan wel het aantal nog af te richten jongemannen, jaarlijks aan het leger af te staan; (2) (handel) in de tijd der O. I.-Compagnie de jaarlijkse levering van bepaalde hoeveelheden producten van overeengekomen soorten door de regenten van de door Mataram aan de Compagnie...

Lees verder
1948
2021-09-26
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

contingent

o. verschuldigd aandeel of bijdrage in troepen, in oorlogslasten enz.

1940
2021-09-26
Economische encyclopedie 1940

Economische encyclopedie (1940), samengesteld door D.C. van der Poel. Gepubliceerd door Uitgeversmaatschappij W. de Haan N.V. Utrecht.

Contingent

zie: Contingenteering.

1933
2021-09-26
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Contingent

Contingent - beteekent een bepaalde hoeveelheid van iets. Bepaaldelijk werden als zoodanig betiteld de verplichte leveringen van producten in Ned. O. Indië ten tijde der Ver. O. I. Compagnie. Aan deze contingenten werd door Raffles (Engelsch tusschenbestuur) een einde gemaakt door invoering van het landrente-stelsel. Vorstman.

Lees verder
1928
2021-09-26
Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Contingent

is een vastgesteld aantal, hoeveelheid of bedrag. Vooral spreekt men van contingent ter aanduiding van het aandeel, dat een bepaalde stad, landstreek of provincie in de belasting moet opbrengen en ook kan men spreken van een contingent dienstplichtige soldaten, dat dus b.v. door een provincie moet worden geleverd. Ook noemde men „contingent&r...

Lees verder
1916
2021-09-26
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Contingent

Contingent - vastgesteld bedrag, aantal of maximum. In het bijzonder spreekt men van c. voor het aantal militieplichtigen, dat een land of een streek moet leveren, ook voor het aantal troepen, dat elk der staten van een statenbond ter beschikking moet stellen tot vorming van een bondsleger; voor het bedrag aan belastingen, dat door een land of stre...

Lees verder
1898
2021-09-26
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Contingent

CONTINGENT, o. (-en), verplicht aandeel (in krijgsvolk, belastingen enz.).

1870
2021-09-26
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Contingent

Contingent noemt men het aantal mannen, dat tot aanvulling van een leger door middel van conscriptie moet worden bijeengebragt. Het woord was daarvoor in vroeger dagen vooral in gebruik bij den Duitschen Bond, daar elke Staat, tot dien Bond behoorende, zijn contingent leveren moest. Het bedrag van het contingent wordt percentsgewijs naar het aantal...

Lees verder
1864
2021-09-26
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

contingent

contingent - o. (contingenten), verschuldigd aandeel (in krijgsvolk, belastingen enz.)