Wat is de betekenis van charmant?

2021
2021-02-25
Redactie Ensie

Schrijver op Ensie

Charmant

Charmant is afkomstig van het Franse woord ‘charme’ en betekent letterlijk ‘bekoring’ of ‘sierlijkheid’. Een persoon die charmant is, is doorgaans aangenaam in de omgang. Gracieuze persoonlijkheden kunnen dit op diverse manieren uiten, onder meer verbaal, fysiek of door middel van de lichaamstaal of -houding. Als iemand verbaal charmant is, beteken...

Lees verder
2019
2021-02-25
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

charmant

charmant - Bijvoeglijk naamwoord 1. aangenaam in omgang We kunnen het ‘charmant’ en ‘authentiek’ noemen, maar uiteindelijk is het natuurlijk bloedirritant dat we op deze wereld allemaal verschillende talen spreken. Synoniemen aantrekkelijk, bevallig, vriendelijk, leuk, innemend, li...

Lees verder
2018
2021-02-25
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

charmant

charmant - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: sjar-mant 1. plezierig om mee om te gaan ♢ hij is zó charmant, iedereen vindt hem altijd aardig 2. met een aangenaam uiterlijk ♢ Hester was charmant g...

Lees verder
1993
2021-02-25
Vreemd Nederlands

Vreemd Nederlands

Charmant

bekoorlijk; innemend

1973
2021-02-25
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

charmant

charmant - [Fr.], bn. en bw. (-er, -st), 1. (van personen) aangenaam in de omgang; innemend, bekoorlijk (door uiterlijk voorkomend of door wellevendheid): een — jongmens; zeer vriendelijk; 2. genoeglijk, zeer gezellig: een — avondje.

Lees verder
1950
2021-02-25
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Charmant

(<Fr.), bn. bw. (-er, -st), 1. (van personen) aangenaam in de omgang; innemend, bekoorlijk (door uiterlijk voorkomen of door wellevendheid): een charmant jongmens ; — zeer vriendelijk ; 2. genoeglijk, zeer gezellig : een charmant avondje.

Lees verder
1948
2021-02-25
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

charmant

(Fr.) bekoorlijk, innemend, allerliefst.

1914
2021-02-25
De vreemde woorden

De vreemde woorden, verklarend woordenboek door Fokko Bos.

charmant

charmant - bekorend, innemend.

1908
2021-02-25
Vivat

Schrijver op Ensie

Charmant

fr. bekoorlijk, lieflijk; charmeeren, zich innemend gedragen; gecharmeerd zijn op iemand, welgevallen vinden in, verliefd zijn op iemand.

1898
2021-02-25
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Charmant

CHARMANT, bn. bw. (-er, -st), (van personen) aangenaam in den omgang; innemend, bekoorlijk (door uiterlijk voorkomen of door wellevendheid); zeer vriendelijk; een charmant jongmensch; een charmant avondje, genoegelijk, zeer gezellig.

1864
2021-02-25
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

charmant

charmant - bn. enbw. (charmanter, charmantst), schoon, bekoorlijk, innemend, bij uitstek fraai