Wat is de betekenis van Casueel?

2026-07-19
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Casueel

(<Fr.), bn. bw., als toeval merkwaardig: het was wel...

2026-07-19
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

casueel

casueel - Bijvoeglijk naamwoord 1. toevallig, eigenaardig,...

2026-07-19
Woordenboek vreemde woorden

A. Kolsteren en Ewoud Sanders (1994)

Casueel

[Fr. casuel, van Lat....

2026-07-19
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks (1993)

Casueel

(kasueel) toevallig; merkwaardig

2026-07-19
De vreemde woorden

Fokko Bos, Dr. O. Noordenbos (1955)

Casueel

toevallig; bij gelegenheid.

2026-07-19
Kramers woordentolk

Jacon Kramers Jz (1948)

casueel

toevallig, bij gelegenheid; onzeker.

2026-07-19
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

casueel

bn., bw. (Fr....

2026-07-19
Vreemde woordenboek

S. van Praag (1937)

casueel

toevallig, bij gelegenheid, onzeker.

2026-07-19
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

casueel

➝ kasueel.

2026-07-19
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

Casueel

[Lat. casu, bij toeval], bn....

2026-07-19
De vreemde woorden

Fokko Bos (1914)

casueel

casueel - toevallig; bij gelegenheid.

2026-07-19
De kleine Zuiveraar - vreemde woorden woordenboek

G.F. Callenbach (1908)

Casueel

toevallig.

2026-07-19
Wink's vreemde woordenboek

dr. Jan Romein (1906)

Casueel

toevallig.

2026-07-19
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Casueel

CASUEEL, bn. bw....

2026-07-19
Beknopt kunstwoordenboek

I.M. Calisch (1864)

casueel

casueel - bn. en bijw....