Wat is de betekenis van Carrière?

2019
2021-05-07
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

carrière

carrière - Zelfstandignaamwoord 1. loopbaan, ontwikkeling van de maatschappelijke positie - Hij had een geweldige carrière gemaakt in het bedrijfsleven, maar uit zijn vrijwilligerswerk haalde hij meer voldoening. - Trainen, trainen, trainen, diëten en blessures....

Lees verder
2018
2021-05-07
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

carrière

carrière - zelfstandig naamwoord uitspraak: car-ri-è-re 1. het werk dat je doet en de banen die je gehad hebt ♢ hij heeft een geweldige carrière 1. carrière maken [steeds betere banen krijgen]...

Lees verder
1997
2021-05-07
Klinische psychologie

Theorieën en psychopathologie

carrière

Verticale mobiliteit in een bedrijf of instelling.

1993
2021-05-07
Vreemd Nederlands

Vreemd Nederlands

Carrière

loopbaan; volle ren van een paard

1991
2021-05-07
Management begrippenlijst

Management begrippenlijst

Carrière

Loopbaan. Een reeks van opklimmende posities die iemand achtereenvolgens inneemt. Het stijgingsaspect van de loopbaan is meestal bepalend voor de aanduiding als carrière.

1973
2021-05-07
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

carrière

carrière - [Fr.], v./m. (-s), 1. reeks van maatschappelijke posities die iemand achtereenvolgens inneemt, (ambtelijke) loopbaan : een schitterende —, — maken, goed vooruitkomen, snel promotie maken; zijn — mislopen, niet de positie bereiken waarvoor men bestemd schijnt; 2. volle ren (van een paard). Slaagt iemand erin bi...

Lees verder
1955
2021-05-07
vreemd

Vreemde woordenboek

Carrière

loopbaan, levensloop; ren van een paard; carrière maken : vooruitkomen, fortuin maken.

1952
2021-05-07
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Carrière

s.;maken, opgong meitsje, de berch opgean.

1950
2021-05-07
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Carrière

(Fr.), v. (-s), 1. reeks van maatschappelijke posities die iem. achtereenvolgens inneemt, (ambtelijke) loopbaan: een schitterende carrière; — carrière maken, goed vooruitkomen, snel promotie maken ; — zijn carrière mislopen, niet de positie bereiken waarvoor men bestemd schijnt ; 2. volle ren (...

Lees verder
1948
2021-05-07
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

carrière

(Fr.) v. loopbaan; levensloop; ambtsbediening, diensttijd; volle ren v. e. paard; ook: steengroeve; ~ Maken, goed en vlug in de wereld vooruitkomen.

1933
2021-05-07
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Carrière

Carrière - 1° Elie Abel, Fransch tuinbouwkundige, * 1816, ✝ 1896; chef der Pépinières de la Musée d’histoire naturelle te Parijs, redacteur der Revue horticole, schrijver van Traité general des Conifères (Parijs 21867), enz. 2° Eugène, Fransch schilder, * 1849 te Goumay (Seine-et-Mame),...

Lees verder
1916
2021-05-07
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Carrière

Carrière - 1) steengroeve, vindplaats van natuursteen, tevens de plaats, waar de steen de eerste bewerking ondergaat. 2) renbaan; strijdbaan; strijdperk; worstelperk; tornooiplaats; tornooiveld; groote buitenmanège (speciaal in stoeterijen). 3) rengalop van het paard.

Lees verder
1898
2021-05-07
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Carrière

CARRIÈRE, v. (-n), loopbaan, levensloop; ambtelijke loopbaan eene schitterende carrière; — carrière maken, goed vooruitkomen, snel promotie maken; — volle ren (van een paard).

Lees verder
1864
2021-05-07
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

carrière

carrière - v. loopbaan, levensloop; ambtsbediening; volle ren (van een paard)