Wat is de betekenis van Capaciteit?

2021
2021-06-21
Redactie Ensie

Schrijver op Ensie

Capaciteit

Capaciteit is een goede kwaliteit van een persoon. Ook betekent capaciteit het maximale wat verwerkt kan worden in een ruimte of het maximale dat iets aan kan. De zin: "Marinthe beschikt over de juiste capaciteiten om de baan te krijgen" geeft aan dat Marinthe de juiste kwaliteiten heeft die nodig zijn voor de baan. Capaciteiten zijn alleen maar g...

Lees verder
2019
2021-06-21
Willem G. Keeris

Willem G. Keeris (1942) is emeritus hoogleraar Vastgoedmanagement en tevens visiting professor bij de groep Real Estate & Housing van de faculteit Bouwkunde van de Technische Universiteit Delft.

Capaciteit

Capaciteit is het algemeen gehanteerde, niet gespecificeerde begrip, waarmee onder meer het vermogen te presteren wordt aangeduid, om in positieve zin iets te bevatten, te verwerken, een prestatie te leveren e.d. Zie ook: prestatie en prestatieniveau. Vaak wordt in plaats van dit Nederlandse begrip hetzelfde, maar dan Engelstalige begrip voor capa...

Lees verder
2019
2021-06-21
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

capaciteit

capaciteit - Zelfstandignaamwoord 1. vermogen, kracht om een bepaalde prestatie te leveren - De plaatselijke ziekenhuis heeft onvoldoende capaciteit om een ramp van deze omvang te kunnen verwerken. - Zij laten zien dat schulden het denken gaan beheersen – ze leg...

Lees verder
2018
2021-06-21
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

capaciteit

capaciteit - zelfstandig naamwoord uitspraak: ca-pa-ci-teit 1. kracht om iets te doen ♢ deze kachel heeft een behoorlijke capaciteit 2. ergens geschikt voor zijn ♢ dit meisje heeft capaciteiten...

Lees verder
2016
2021-06-21
Prorail

Begrippenlijst Prorail

Capaciteit

Capaciteit is het vermogen, de kracht om een bepaalde prestatie te leveren.

2016
2021-06-21
OVnet

Begrippenlijst spoortermen

Capaciteit

Capaciteit is het aantal eenheden (treinen) dat maximaal in een bepaalde tijdsduur van een infrastructurele voorziening gebruik kan maken gegeven de productie uitgangspunten en de gegeven maximale baanvakbelasting. Berekening van de capaciteit is alleen mogelijk indien bekend is in welke frequentie treinen met welke snelheid rijden met hun onderlin...

Lees verder
1994
2021-06-21
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Capaciteit

[Fr. capacité, van Lat. capacitas) lett.: inhoudsvermogen; wat een hol voorwerp kan bevatten, ook. elektrisch opladingsvermogen van geleider, condensator e.d.; (fig.) geschiktheid, bekwaamheid om een bep. werk te doen of een bep. taak te vervullen (meestal mv: capaciteiten).

1993
2021-06-21
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Capaciteit

(kapaciteit) vermogen; geschiktheid

1981
2021-06-21
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

Capaciteit

1. bevattingsvermogen b.v. van een reservoir; 2. produktievermogen b.v. van een fabriek; 3. de hoeveelheid lading die een geleider nodig heeft om een potentiaal van 1 volt te verkrijgen. Bij een condensator is de grootte van de capaciteit afhankelijk van de oppervlakte van de platen, van de afstand der platen en van de soort isoleren...

Lees verder
1965
2021-06-21
Lexicon van de Psychologie

N.Sillamy

CAPACITEIT

bekwaamheid, geschiktheid om iets te doen. Dankzij de → testmethode is het mogelijk→verstandelijke en → motorische capaciteiten te meten.

1955
2021-06-21
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Capaciteit

geschiktheid; inhoudsgrootte; laadvermogen

1954
2021-06-21
Medisch

Eerste Medisch Systematische Ingerichte Encyclopedie

Capaciteit

vermogen, een kracht of inhoudsmaat of electrische lading of geestelijke prestatie waartoe het lichaam, een orgaan of iemand in staat is; vitale capaciteit noemt men in het bijzonder de hoeveelheid lucht die iemand kan uitpersen na een diepe inademing.

1950
2021-06-21
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Capaciteit

(<Fr.), v. (-en), 1. bekwaamheid, geschiktheid, kundigheid: iem. van (niet) grote (veel) capaciteiten ; op zijn capaciteiten wil ik niets afdingen; 2. vermogen om in te houden, te vervoeren, te verwerken enz. : de capaciteit ener rivier, de hoeveelheid water die zij per sec. afvoert; — de capaciteit van een machine, h...

Lees verder
1949
2021-06-21
Vreemde woorden in de Natuurkunde

Prof. Dr. P.H. van Laer

Capaciteit

(Lat. capácitas = ruimte, omvang; cápax, gen. capácis = veel kunnende bevatten, ruim; cápere = nemen, bevatten). Alg. grootheid die aangeeft wat een lichaam op de een of andere wijze kan bevatten; b.v. capaciteit van een → condensator. Men gebruike niet het woord capaciteit in de betekenis van vermogen (van een mach...

Lees verder
1949
2021-06-21
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Capaciteit

(Lat. capacitas) (1), vermogen, kracht; (2) geschiktheid, bekwaamheid; (3) hoeveelheid water, die per seconde door een rivier of kanaal kan worden afgevoerd; (4) maat voor de hoeveelheid electriciteit, die een condensator bij een bepaalde spanning kan opnemen. Hierbij geldt de formule Q = V x C, waarin Q = lading, V = volts, C = capaciteit, z F...

Lees verder
1948
2021-06-21
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

capaciteit

v. inboudsgrootte; (productie)vermogen; kracht; geschiktheid, bekwaamheid.

Lees verder
1933
2021-06-21
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Capaciteit

de hoeveelheid energie, die een krachtwerktuig i/d vorm v. warmte, electriciteit, enz., kan leveren of de hoeveelheid materiaal, die een reservoir kan bevatten, een machine kan verwerken, of een transportinrichting (buisleiding) kan vervoeren.

1933
2021-06-21
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Capaciteit

Capaciteit - 1° van een rivier, kanaal of duiker de hoeveelheid water, welke per tijdseenheid (secunde) kan worden afgevoerd. C. van een schutsluis is de totale tonnenmaat, welke in een zeker tijdsverloop (bijv. een etmaal) kan worden geschut; zij is afhankelijk van de afmetingen der sluis en van de verschillen in waterstand van binnen- en buit...

Lees verder
1923
2021-06-21
Uitheemsche geneeskunde termen

dr. H. Pinkhof, 2e druk 1935

Capaciteit

(c a p a c i t a s), bevattingsvermogen. Hart-C., inhoudsmaat, omvang der hartholten. Koolzuur-C, de hoeveelheid koolzuur, die het bloed kan binden, en die bij coma diabeticum en acidose meestal is verminderd. Vitale C, de hoeveelheid lucht, die men uit de longen, na een zo diep mogelijke inademing, kan uitademen.

Lees verder
1916
2021-06-21
Technisch woordenboek

H.J. van Eyk

Capaciteit

Geschiktheid, inhoud, vermogen, laadvermogen, draagkracht.