Wat is de betekenis van Blusschen?

1919
2021-06-18
uitdrukkingen

Woorden en uitdrukkingen verklaard

Blusschen

Mnl. blusschen en blesschen; uit be en lusschen of lesschen; het laatste is nog in onze hedendaagsche taal in gebruik voor uitdooven, doen ophouden (dorst lesschen, kalk lesschen of blusschen), hgd. löschen. Vgl. voor de vormverandering blijven naast go. bileiban.

1916
2021-06-18
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Blusschen

Blusschen van kalk, het bereiden van calciumhydroxyde, gebluschte kalk, Ca(OH)2, uit calciumoxyde, ongebluschte kalk. speciaal gebrande kalksteen, CaO, door toevoeging van water: CaO + H20 ➳ Ca(OH)2. Deze scheikundige reactie gaat met groote warmteontwikkeling en sterke volumevermeerdering gepaard; de stukken vallen daardoor tot poeder uiteen. Zuiv...

Lees verder
1898
2021-06-18
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Blusschen

BLUSSCHEN, (bluschte, heeft gebluscht), (een brand) uitdooven door water; gloeiend ijzer blusschen, plotseling afkoelen; — kalk blusschen, aan kalkoxyde water toevoegen; — (fig.) smoren: die brand is alweer gebluscht, de zaak is verholpen. BLUSSCHER, m (-s). BLUSSCHING, v. (-s). BLUSCHSTER, v. (-s).

Lees verder
1870
2021-06-18
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Blusschen

zie Kalk.