Wat is de betekenis van bitter?

2020
2021-01-25
Meertens Instituut

Nederlandse Voornamenbank

Bitter

Zie Bieter

2019
2021-01-25
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

bitter

bitter - Bijvoeglijk naamwoord 1. ter omschrijving van een vaak als onaangenaam ervaren smaak niet zout zuur of zoet Dat was een vieze, bittere drank. 2. zwaar te verduren In dat land is er nog steeds bittere armoede. 3. van teleurstelling blij...

Lees verder
2018
2021-01-25
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

bitter

bitter - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: bit-ter 1. vol haat en negatieve gevoelens ♢ op bittere toon maakte hij haar allerlei verwijten 1. bittere tranen [die voortkomen uit verdriet of spijt]...

Lees verder
2016
2021-01-25
Culinair van a tot z

Culinair van a tot z

bitter

Collectieve benaming voor verschillende groenten-, kruiden- en/of vruchtenextracten, die gebruikt worden om geur en smaak te geven aan sterk-alcoholische dranken, zoals Underberg, angostura e.d.

2005
2021-01-25
Harold Hamersma

wijnbegrippen in gewone mensentaal

bitter

Vaak het gevolg van ongeduldige wijnboeren. Wie te vroeg plukt, straft zijn drinker met strenge smaken. En daar krijg je een zuinig mondje van. Rijpe bitters zijn natuurlijk wel lekker. Zoals die van amandeltjes in goede Soave en grapefruitbitters in sommige chardonnays, sauvignon blancs en goede, droge Spaanse en Italiaanse rosés.

Lees verder
1973
2021-01-25
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

bitter

bitter - I. bn. enbw. (-der, -st), 1. een der vier niet nader te definiëren smaakgewaarwordingen; die teweegbrengend: een bittere vrucht; een bittere smaak; dat smaakt —; zo als gal, in hoge mate bitter; (spr.) — in de mond, maakt het hart gezond; een bittere pil (oneig.), iets dat moeilijk te verduwen is; ook wel van geuren gezegd...

Lees verder
1969
2021-01-25
Pieter Scheen

Rode Scheen: Lexicon Nederlandse beeldende kunstenaars 1750-1950

Bitter

Bitter - zie J. L. Hartman.

1964
2021-01-25
voornamen

Voornamenboek

Bitter

m -> Bieter.

1950
2021-01-25
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Bitter

I. bn. bw. (-der, -st), 1. een der vier niet nader te definiëren smaakgewaarwordingen; die teweegbrengend : een bittere vrucht; een bittere smaak; dat smaakt bitter; zo bitter als gal, in hoge mate bitter; — (spr.) bitter in de mond, maakt het hart gezond; een bittere pil (oneig.), iets dat moeil...

Lees verder
1933
2021-01-25
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Bitter

Bitter - Carl Hermann, Duitsch publicist op muziekgebied. * 27 Febr. 1813 te Berlijn, ✝ 12 Sept. 1885 aldaar. Was van 1879—’82 minister van Financiën in Pruisen. Schreef o.a. een biographie van J. S. Bach (1865), en een boek over Bach’s zonen (C. Ph. Emanuel und W. Friedemann Bach und deren Brüder, 1868), dat langen tijd zijn waarde behield, doch t...

Lees verder
1916
2021-01-25
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Bitter

Bitter, algemeene naam voor vloeistoffen, dienende om aan allerlei sterke dranken als jenever en brandewijn, geur en smaak te geven. Meestal bestaan ze uit alkohol, waarmee men aromatische kruiden of deelen van planten (citroen- en oranjeschillen, enz.) heeft afgetrokken. De namen der talrijke soorten van bitter zijn gedeeltelijk ontleend aan de bi...

Lees verder
1908
2021-01-25
Vivat

Schrijver op Ensie

Bitter

Scherp, bijtend, onaangenaam prikkelend. De bittere smaak, of de eigenaardig prikkelende, voor de meesten onaangename gewaarwording der smaakwerktuigen, wordt niet voortgebracht door'eenig bepaald bestanddeel der lichamen, die deze prikkeling opwekken, en geeft aan de zelfstandigheden geen bepaald scheikundig karakter; hij wordt vooral teweegg...

Lees verder
1898
2021-01-25
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Bitter

Het begrip bitter heeft 2 verschillende betekenissen: 1. bitter - BITTER, bn. bw. (-der, -st), zekere smaakgewaarwording, zooals bv. kinine geeft; — zoo bitter als gal, in hooge mate bitter; (spr.) bitter in den mond, maakt het hart gezond; — (fig.) onaangenaam, grievend eene bittere droefheid; het ziet er bitter met hem uit. ellendig...

Lees verder
1870
2021-01-25
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Bitter

Bitter noemt eene vloeistof, dienende om aan den jenever geur en smaak te geven en in Nederland algemeen in gebruik. Het bestaat gewoonlijk uit spiritus, die men op citroen- of oranjeschillen of op andere aro­matische kruiden heeft laten trekken. De soorten van bitter zijn zeer talrijk en ontleenen gedeeltelijk haren naam aan de grond­stof, waarvan...

Lees verder