Wat is de betekenis van Bijleggen?

2019
2020-11-27
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

bijleggen

bijleggen - Werkwoord 1. (ov) toevoegen, het ontbrekende bijbetalen We moeten nog 20 euro bijleggen om de rekening te kunnen betalen. 2. (ov) meningsverschil of ruzie oplossen Gelukkig hebben mijn zussen hun ruzie bijgelegd. Woordherkomst...

Lees verder
2011
2020-11-27
Spreekwoordenboek

Geschreven door Ed van Eeden

Bijleggen

De zakenlieden kwamen tot een overeenkomst, maar niet zonder te moeten bijleggen: de zakenlieden moesten allebei iets toegeven aan de ander.

1916
2020-11-27
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Bijleggen

Bijleggen - scheepsterm, het schip zoodanig leggen, dat het door een der achterzeilen gedwongen wordt, den kop aan den wind en op de zee te houden. Bij een stoomschip laat men de machine zooveel slagen doen, dat het schip nog juist bestuurbaar is en met den kop op de zee gehouden kan worden, zoodanig, dat de wind op 1 a 2 streken van voren inkomt....

Lees verder
1898
2020-11-27
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Bijleggen

BIJLEGGEN, (legde of leide bij, heeft bijgelegd of bijgeleid), bijdoen; — als ik de waar zoo verkoop, moet ik er bijleggen, zal ik erop verliezen; — wat te kort komt, zal ik bijleggen, er bij geven; — ik moet altijd bijleggen, het tekort dekken; — tot eene gezamenlijke som bijdragen; — vereffenen, beslechten een ge...

Lees verder
1898
2020-11-27
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Bijleggen

zie Afdoen.

Gerelateerde zoekopdrachten