Synoniemen van Bezem

2019-10-20

Bezem

Met bezemen keren, overhoop halen en vervolgens opruimen; grondig schoonmaken (van een huis of vertrek). In deze uitdrukking is keren niet het ons bekende werkwoord met de betekenis ‘omdraaien’, maar een ander, nu verouderd werkwoord dat ‘vegen’ betekent. In de Liesveldtbijbel (1526) en de Deux-Aesbijbel (1562) staat nog keren zonder meer, wat destijds kennelijk geen misverstanden wekte; in de Statenvertaling vinden we met bezemen toegevoegd. Waarschijnlijk berust onze opvatting van de u...

2019-10-20

bezem

bezem - Zelfstandignaamwoord 1. (gereedschap) (huishouden) een huishoudelijk voorwerp om stof en vuil bij elkaar te vegen Met een bezem veeg je vooral grof vuil bij elkaar. bezem - Werkwoord 1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bezemen ♢ Ik bezem 2. gebiedende wijs van bezemen bezem! 3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoo...

2019-10-20

bezem

Het begrip bezem heeft 4 verschillende betekenissen: 1) gebruiksvoorwerp dat bestaat uit een lange steel met daaraan een bundel twijgen of langharige borstel zodat de vloer of grond ermee geveegd kan worden 2) er wordt gereorganiseerd, waarbij mensen ontslagen worden 3) reorganiseren door personeelsleden te ontslaan of afdelingen op te heffen 4) nieuwe werkkrachten kunnen positieve veranderingen teweeg brengen

2019-10-20

Bezem

slik een - platte verwensing in de zin van ‘ik denk er niet aan; loop naar de pomp’.

2019-10-20

bezem

bezem - zelfstandig naamwoord uitspraak: be-zem 1. werktuig met lange steel, om te vegen ♢ met deze bezem veeg ik de stoep schoon 1. hij heeft de bezem erdoor gehaald [opruiming gehouden] 2. nieuwe bezems vegen schoon [wie pas ergens werkt heeft vaak een frisse kijk op de zaak...

2019-10-20

Bezem

BEZEM, m. (-s), werktuig om te vegen, meestal van dunne rijzen, of met haren straatbezem-, kamerbezem; bezempje voor de lampeglazen; — (spr.) nieuwe bezems vegen schoon, (van bedienden, beambten enz. gezegd) in het begin doen zij hun best, zijn zij ijverig; (ook) nieuwe maatregelen werken in den aanvang goed; (scherts, soms ook) nieuwe kennissen zijn altijd aardig; — staan (of meester zijn) waar de bezem staat, in eigen huis niets te zeggen hebben; — (gew.) over den bezem getrouwd zijn, on...

2019-10-20

bezem

bezem - m. (-s), werktuig om te vegen, meestal gevormd door een bundel of bundels dunne rijzen of haren; tegenwoordig ook vaak van kunststof gemaakt: straatvegers hebben een grote —; (bijbels) met bezemen keren, schoonvegen; nieuwe bezems vegen schoon, (van bedienden, beambten gezegd) in het begin doen zij hun best, zijn zij ijverig; ook: nieuwe maatregelen werken in de aanvang goed; staan (of meester zijn) waar de — staat, in eigen huis niets te zeggen hebben; de — in de mast voeren, stre...