Wat is de betekenis van bevalligheid?

2019
2022-01-21
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

bevalligheid

bevalligheid - Zelfstandignaamwoord 1. de hoedanigheid van het bevallig zijn De bevalligheid van een vrouw is vaak groot voor mannen. Woordherkomst Afgeleid van bevallig met het achtervoegsel -heid. Synoniemen aanlokkelijkheid, aanminnelijkheid, aanminnigheid, aantrekkelijk...

Lees verder
1981
2022-01-21
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

Bevalligheid

ook gratie, wordt gezegd van een houding, een beweging, een vorm, die ons bevalt, b.v. de vlucht van een zwaluw, de dans van een ballerina.

1952
2022-01-21
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Bevalligheid

s., kwier(ig)ens, prûzens, snipperheit, tsjeppens, oannimlikens, himmelens.

1950
2022-01-21
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Bevalligheid

v., 1. het bevallig zijn; 2. (...heden), wat bevallig is : de vrouwelijke bevalligheden; 3. (fab.) de drie bevalligheden, de drie Gratiën.

Lees verder
1937
2022-01-21
Koenen

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

bevalligheid

v. bevalligheden (de hoedanigheid bevallig te zijn; hetgeen de bevalligheid vormt): bevalligheid van 16 jaren.