Wat is de betekenis van best?

2019
2021-09-20
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

best

best - Bijvoeglijk naamwoord 1. onverbogen vorm van de overtreffende trap van goed Dit is goed dat is beter maar wat je een week geleden gedaan hebt is het best. 2. goed Hij is een beste vent. Al mijn vrienden zijn ...

Lees verder
2018
2021-09-20
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

best

best - bijwoord 1. heus wel ♢ toe maar, het lukt je best wel! 1. ik vind het best lekker [echt wel lekker] 2. eigenlijk wel ♢ ik voel me bes...

Lees verder
2002
2021-09-20
Aad Struijs

Auteur "Het toppunt van Nederland"

Best

Best is het dorp met de meeste klompenmakerijen in Nederland. Het is dus de ideale plek voor een Klompenmuseum. Het draagt de naam De Platijn en toont klompen in vele variaties, van ijs-, schaats- en steenzettersklomp tot tuinders-, paarden- rietsnijders- en muziekklompen. Dat de 'houten schoen' niet alleen in Nederland wordt gedragen, bewijst de c...

Lees verder
1997
2021-09-20
Monumenten in Noord-Brabant

Encyclopedie over monumenten in Noord Brabant (2010)

Best

Dorp ontstaan uit een aantal middeleeuwse nederzettingen, waarvan er enkele nog als buurtschap te herkennen zijn, zoals Aarle en Vleut. Door de aanleg van de steenweg Den Bosch-Eindhoven rond 1750 en de spoorlijn Eindhoven-Boxtel in 1866-'67 ontstond tussen deze beide buurtschappen een verdichting van de bebouwing. De aanleg van het Wilhelmina...

Lees verder
1985
2021-09-20
Encyclopedie van Noord Brabant

Anton van Oirschot (1985-1986)

BEST

gemeente in Zuid-Oost-Brabant, omvattende de dorpen Best, Batadorp en Wilhelminadorp, alsmede de gehuchten Aarle en Vleut. Best telt 18.930 inwoners (1983) en is 3577 ha groot. Het werd na afscheiding van Oirschot in 1819 een zelfstandige gemeente. Het is een van de elf gemeenten, die samen de agglomeratie Eindhoven vormen. Best grenst aan Liempde,...

Lees verder
1981
2021-09-20
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

Best

(17 500 inwoners), gemeente in Noord-Brabant, bekend om de schoenen- en lederindustrie.

1973
2021-09-20
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Best

bn. en bw., overtr. trap van goed, 1. het hoogst in hoedanigheid, het hoogst gewaardeerd: hij is de beste leerling van de klas; hij heeft zijn beste dagen gehad, het wordt minder met hem; zijn beste beentje voorzetten, iets naar zijn beste weten doen, zo goed mogelijk; de eerste de beste, van zaken en van personen gezegd: een willekeurige, wie of w...

Lees verder
1952
2021-09-20
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Best

adj. & adv., bêst, skoan; het -e zijn, der mei gean; het kan —, it kin wettich; het is het -e, it is de baes; zijndoen, jin der foar spanne, jin derby jaen, it derby sette, jins bêst, jins flyt dwaen; het lijkt niet zo —, it liket net sa wakker; het -e voor iem...

Lees verder
1950
2021-09-20
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Best

bn. en bw., (overtr. trap van goed) I. bn., het hoogst in hoedanigheid, het hoogst gewaardeerd: hij is de beste leerling van de klas; hij heeft het beste deel gekozen; — hij heeft zijn beste dagen gehad, het wordt minder met hem; — zijn beste jaren, waarin men op het hoogste punt van zijn kracht staat en het...

Lees verder
1949
2021-09-20
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Best

gemeente in prov. N.-Brabant (Meierij), 3596 ha, 6616 inw. Landbouw, veeteelt, schoenen-, klompen-, leer- en sigarenindustrie, tricotagefabriek.

Lees verder
1933
2021-09-20
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Best

gem. in N.-Brabant, 4100 inw.

1916
2021-09-20
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Best

Best - gem. in N.-Brabant aan den spoorweg Den Bosch—Eindhoven; ruim 3600 H.A. groot; het Oostel. deel der gem. is moerassig; de bodem be staat overigens nog voor een goed deel uit heidevel den; zij omvat het dorp Best, en eenige buurten, te zamen 2900 R.-Kath. inw.

1898
2021-09-20
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Best

Het begrip best heeft 3 verschillende betekenissen: 1. best - BEST, bn. en bw. (overtr. trap van goed), hij is. de beste leerling van de klas; hij heeft het beste deel gekozen; — van twee kwaden het beste kiezen, het minst, kwade; — de besten van het land, de rijksten; - — hij heeft zijne beste dagen gehad, het wordt minder met...

Lees verder