Wat is de betekenis van besef?

2019
2022-08-18
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

besef

besef - Zelfstandignaamwoord 1. een reëel bewustzijn, notitie Het duurde heel lang tot hij het besef kreeg dat hij zijn examen niet vanzelf zou kunnen halen. besef - Werkwoord 1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van beseffen ♢ Ik besef...

Lees verder
2018
2022-08-18
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

besef

besef - zelfstandig naamwoord uitspraak: be-sef 1. het snappen ♢ Edu heeft geen besef van wat er gebeurd is 2. het jezelf ergens van bewust zijn ♢ opa is zijn besef van de werkelijkheid kwijt...

Lees verder
1973
2022-08-18
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Besef

o., bewuste duidelijke voorstelling, begrip: geen besef van iets hebben; in het volle besef van zijn verantwoordelijkheid; een vaag -, onduidelijke voorstelling.

1952
2022-08-18
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Besef

s.n., bisef (it), binul (it), bilul (it), bisleur (it).

1950
2022-08-18
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Besef

o., 1. bewustzijn: zijn besef kwijt zijn; hij is buiten besef. 2. bewuste, duidelijke voorstelling, begrip: geen besef van iets hebben; in het volle besef van zijn verantwoordelijkheid; een vaag besef, onduidelijke voorstelling.

Lees verder
1937
2022-08-18
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

besef

o. (gewaarwording, gevoel, bewustzijn van iets, voorstelling, begrip): geen besef van iets hebben, idee; zijn besef kwijt zijn, bewustzijn.

1898
2022-08-18
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Besef

BESEF, o. begrip geen besef van iets hebben; een vaag besef, onduidelijke voorstelling; — bewustzijn zijn besef kwijt zijn; hij is buiten besef.

Lees verder