Wat is de betekenis van bereid?

2019
2021-04-16
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

bereid

bereid - Bijvoeglijk naamwoord 1. akkoord gaand, instemmend: bereid tot actie Ben je bereid om vandaag over te werken? bereid - Werkwoord 1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bereiden ♢ Ik bereid 2. gebiedende wijs va...

Lees verder
2018
2021-04-16
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

bereid

bereid - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: be-reid 1. het wel willen doen ♢ ik ben bereid voorzitter te worden Bijvoeglijk naamwoord: be-reid

Lees verder
1973
2021-04-16
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

bereid

bn., 1. geen bezwaren hebben om iets te doen: zich tot iets — verklaren; 2. gezind, genegen om iets te doen: tot wederdienst —; — staan om te helpen; 3. gereedgemaakt: bereide specie.

1952
2021-04-16
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Bereid

adj., klear, ré; voorlopig niet tot ietszijn, earne fuort net oan ta wêze.

1950
2021-04-16
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Bereid

bn., 1. geen bezwaren hebben om iets te doen: zich tot iets bereidverklaren. 2. gezind, genegen om iets te doen: tot wederdienst bereid; bereid staan om te helpen. 3. gereedgemaakt: bereide specie.

Lees verder
1898
2021-04-16
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Bereid

BEREID, bn. geene bezwaren hebben om iets te doen zich tot iets bereid verklaren; — bereidvaardig, gereed tot wederdienst bereid; bereid zijn. om te helpen; —VERKLARING, v.

Lees verder
1898
2021-04-16
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Bereid

zie Gereed.