Wat is de betekenis van begaan?

2019
2022-12-04
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

begaan

begaan - Werkwoord 1. (ov) iets doen dat onjuist of verboden is Hij beging daarmee een grote vergissing. 2. (ov) een plaats betreden Je begaat daarmee wel glad ijs. 3. iemand laten begaan: iemand niet hinderen of stoppen ...

Lees verder
2018
2022-12-04
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

begaan

begaan - onregelmatig werkwoord uitspraak: be-gaan 1. het doen ♢ Rens heeft een misdrijf begaan 1. iemand laten begaan [hem zijn gang laten gaan] Onregelmatig werkwoord: be-ga...

Lees verder
1973
2022-12-04
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Begaan

(beging, heeft begaan), I. onoverg., te werk gaan, thans alleen met laten: laat mij maar begaan, laat mij (alleen) de zaak volvoeren; (ook) hinder, stoor mij niet; iemand stil laten begaan, zijn gang laten gaan; II. overg., 1. gaan op, betreden: de straat begaan; begane grond, de natuurlijke oppervlakte van het terrein, zonder enige kunstmatige...

Lees verder
1952
2022-12-04
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Begaan

v., bigean; laten —, gewurde, bitsjen, yn syn wêzen litte; (een daad), bidriuwe; — zijn met, bigien wêze mei.

1950
2022-12-04
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Begaan

(beging, heeft begaan), I. onoverg., te werk gaan, thans alleen met laten: laat mij begaan, laat mij (alleen) de zaak volvoeren; (ook) hinder, stoor mij niet; — iem. stil laten begaan, zijn gang laten gaan; II. overg., 1. gaan op, betreden: de straat begaan;de begane grond, de natuurlijke oppervlakte van...

Lees verder
1937
2022-12-04
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

begaan

beging, h. begaan (1 op of over iets gaan; 2 bedrijven, doen [inz. iets slechts]): 1. een weg begaan; de begane grond; 2. een diefstal, moord begaan; nog: ik ben met hem begaan, heb medelijden met hem; laat mij maar eens begaan, mijn gang gaan.

Lees verder
1930
2022-12-04
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

begaan

(bə'ga:n) I. (beging, heeft begaan) 1. gaan op een weg -; de begane grond is de natuurlijke oppervlakte van een terrein of het daarmee overeenkomende deel van een gebouw. 2. doen : iemand stil laten -. 3. iets verkeerds bedrijven : een misslag -. Syn. plegen. II. bn. medelijden voelend : met iemand of iets zijn.

Lees verder
1898
2022-12-04
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Begaan

Het begrip begaan heeft 2 verschillende betekenissen: 1. begaan - BEGAAN, (beging, heeft begaan), gaan op, betreden de straat begaan; — de begane grond, de natuurlijke oppervlakte van het terrein, zonder eenige kunstmatige verhooging; (ook) dat gedeelte van een gebouw dat met den beganen grond gelijk is; — eene op zich zelf staande da...

Lees verder
1864
2022-12-04
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Begaan

Begaan, bw. ow. onr. (ik beging, heb begaan), treden over..., - op... de straat -; (mets.) de begane grond, de grond waarop men treedt; bedrijven; doen; eenen moord -; laat mij -, laat mij de zaak, volvoeren. *-, vd. en bn. gevoelig, medelijdend; ik ben wel met hem -, ik heb medelijden met hem. *...GAPEN, bw. gel. (ik begaapte, heb begaapt), gapend...

Lees verder