Wat is de betekenis van beduusd?

2024-07-14
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2024)

2024-07-14
AI woordenboek

ChatGPT (2023)

beduusd

Beduusd betekent verward, verbijsterd of perplex. Iemand die beduusd is, is vaak zo verrast of geschrokken dat hij of zij even niet weet hoe te reageren. Het is een gemoedstoestand waarin iemand zich gedesoriënteerd en niet helemaal helder voelt. Bijvoorbeeld: "Na het onverwachte nieuws stond ze beduusd voor zich uit te staren."

2024-07-14
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

beduusd

beduusd - Bijvoeglijk naamwoord 1. bedroefd en verbaasd, onthutst Pastoor verklaarde na afloop beduusd te zijn. "Je krijgt een strafschop mee en dan denk je het wordt 1-0 en de buit is binnen. Verwante begrippen bedremmeld, beteuterd, verbijsterd, verbouwereerd

2024-07-14
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

beduusd

beduusd - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: be-duusd 1. verward en verlegen tegelijk ♢ beduusd luisterde hij naar het applaus Bijvoeglijk naamwoord: be-duusd ... is beduusder dan ... de/h...

2024-07-14
Van aalmoes tot zwijntjesjager

Dr. E. Schröder (1980)

Beduusd

De betekenis van beduusd is: beteuterd, onthutst, verlegen, ontsteld. Natuurlijk is het een voltooid deelwoord van een werkwoord, dat is aan de vorm te zien. Dat werkwoord moet hebben geluid: beduizen, maar het is niet teruggevonden. Wel is bekend: beduizelen: duizelig maken. Daarvan luidt het voltooide deelwoord natuurlijk beduizeld. Dit schijnt m...

2024-07-14
Woordenboek Nederlands-Turks

Mehmet Kiriş (2024)

2024-07-14
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Beduusd

bn., overwelmd, beteuterd: beduusd zijn, staan; beduusd kijken.

2024-07-14
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

beduusd

bn., bw. (bedremmeld, beteuterd): ik was er beduusd van; gmz.

Wil je toegang tot alle 13 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-07-14
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

beduusd

(bə'du:st) bn. en bw. (duizelen] beteuterd: hij was er van: staan te kijken.