Wat is de betekenis van bedrijven?

2019
2022-09-29
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

bedrijven

bedrijven - Werkwoord 1. (ov) aan iets doen Hij is al jaren sport aan het bedrijven. 2. plegen De bekende crimineel bedreef misdaad na misdaad. bedrijven - Zelfstandignaamwoord 1. meervoud van het zelfstandig naamwoord bedrijf ...

Lees verder
2018
2022-09-29
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

bedrijven

bedrijven - onregelmatig werkwoord uitspraak: be-drij-ven 1. het (volgens plan) maken of doen ♢ ik zie hem nog wel eens een misdaad bedrijven 1. de liefde bedrijven [vrijen] Onregelm...

Lees verder
1973
2022-09-29
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Bedrijven

(bedreef, heeft bedreven), volvoeren (thans alleen ongunstig): kwaad -.

1952
2022-09-29
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Bedrijven

v., bidriuwe.

1950
2022-09-29
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Bedrijven

(bedreef, heeft bedreven), doen; volvoeren, verrichten (thans alleen ongunstig): zonde bedrijven; kwaad:, onheil bedrijven, stichten, uitwerken; — (vero.) rouw bedrijven, rouwen; — vreugde bedrijven, uiten, blijk er van geven.

1937
2022-09-29
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

bedrijven

bedreef, h. bedreven (doen, verrichten): kwaad, rouw bedrijven.

1930
2022-09-29
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

bedrijven

(bə'drijvən) (bedreef, bedreven: heeft bedreven) 1. Algm. Veroud. doen, handelen. 2. Inz. iets doen wat slecht is : kwaad, zonden -. Syn. doen, handelen, maken, verrichten, vervaardigen, werken.

Lees verder
1910
2022-09-29
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Bedrijven

Bedrijven - Practische toepassingen van het Boekhouden in verschillende : f 0.75. Handelsstudie-Serie.

Lees verder
1898
2022-09-29
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Bedrijven

BEDRIJVEN, (bedreef, heeft bedreven), doen; volvoeren, verrichten zonde bedrijven; — kwaad, onheil bedrijven, stichten, uitwerken; — rouw bedrijven, rouwen, lijkplechtigheden vieren; — vreugde bedrijven, uiten, blijk ervan geven. BEDRIJVING, v. (-en), het bedrijven; verrichting.

Lees verder