Wat is de betekenis van Bavelaar?

2018
2023-01-29
Ewoud Sanders

Journalist, taalhistoricus, trainer

Bavelaar

kunstig snijwerk De oorsprong van het woord bavelaar is altijd in verband gebracht met Cornelis Bavelaar [1777-1831]. Dat is niet onjuist, maar het is ook niet helemaal juist. Dat Cornelis Bavelaar in talloze publikaties wordt aangewezen als de uitvinder van de bavelaartjes - in hout of been gesneden kleine diorama's, geplaatst in een houten kastj...

Lees verder
2017
2023-01-29
Leendert Brouwer

CBG|Familienamen

Bavelaar

De in Leiden geconcentreerde familienaam Bavelaar kan in verband gebracht worden met het toponiem Bavelaar in de omgeving van Westvleteren in West-Vlaanderen nabij de Franse grens. De uit Houtkerque afkomstige voorvader heeft zich in de tweede helft van de 16de eeuw in Leiden gevestigd.

1980
2023-01-29
Blauwe Scheen

Lexicon Beeldende Kunstenaars

Bavelaar

Cornelis; ged. Leiden 17 augustus 1777, overl. Leiden 30 augustus 1831. Woonde en werkte in Leiden. Van beroep timmerman, die met pennemes unieke volkstoneeltjes uit been, ivoor en hout sneed en ze daarna in zgn. kijkkastjes plaatste (de zgn. Bavelaartjes). Zoon van de steenhouwer en beeldhouwer in hout C. Bavelaar sr. Ook zijn zoons J. F., ged. L...

Lees verder
1950
2023-01-29
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Bavelaar

m. (-s), houten of ivoren gesneden voorwerpje, aldus geheten naar C. Bavelaar.

1930
2023-01-29
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

bavelaar

(‘ba:vəla:r) m. (-s) [houtsnijder Bavelaar te Leiden, overleden1831] houten of ivoren gesneden voorwerp,

1898
2023-01-29
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Bavelaar

BAVELAAR, m. (-s), houten of ivoren gesneden voorwerpje.