2020-01-27

bak

kop; een bak zog, een bak slobber, een bak zweet, een bak leut, een kop koffie.

2020-01-27

Bak

Bak - I. Bovenbouw op voorste deel van de romp van een zeeschip (→Bakdekjacht. 2. Een zeil staat bak wanneer de wind er vanaf de verkeerde kant in blaast. Omdat het zeil dan geen voortstuwende werking heeft, kan de boot stil komen te liggen en onbestuurbaar worden. Het grootzeil bak houden doet men wel om te remmen (giek tegen de wind naar buiten drukken); de fok bak houden bij →achteruitvaren en soms als hulpmiddel bij het → overstag gaan, b.v. bij ruwe zee. → Bijdraaien, &r...

2020-01-27

Bak

Een bak is spoorjargon bij reizigersmaterieel voor wagen of rijtuig.

2020-01-27

Bak

Bak - 'op volle bak staan': op volle winst.

2020-01-27

Bak

Bak - 1° (tuinbouw), zie Broeikas. 2° Op scheepvaart- en krijgskundegebied heeft bak meerdere beteekenissen. a) Het voorste gedeelte van het bovenste dek van schepen, waarboven een kort dek, het zgn. bakdek, is aangebracht (zie Bakspier). Op de oudere stoomschepen werden onder dit bakdek of in dezen bak de verblijven van matrozen en ander personeel van lageren rang ondergebracht. Zoodoende kreeg bak ook de beteekenis van gemeenschappelijke tafel van een aantal korporaals en manschappen bij de...

2020-01-27

Bak

Een bak is een wagon/rijtuig.

2020-01-27

bak

bak - v., (argot) kop, bijv. „bakslobber”, een kop koffie; ook: verzinsel, verhaal.

2020-01-27

Bak

Bak - m. (-ken), 1. doosvormig voorwerp, dat dient om iets in te bergen of te bewaren: in een winkel heeft men verschillende bakken voor rijst, meel enz.; 2. laag getimmerte, ook wel van steen, met glas gedekt, waarin gewassen gekweekt worden: sla uit de bakken en niet van de koude grond ; 3. deel van een wagen dat op het onderstel rust, bovenbouw: wagen met een vaste, losse —; (roeisport) oefentoestel op het droge voor roeien op rollend zitbankje; 4. in de veenderij een mengbak; een — hebbe...

2020-01-27

bak

bak - zelfstandig naamwoord 1. wat je vertelt of doet om iemand te laten lachen ♢ ken je die bak van Sam en Moos die naar Zandvoort gingen? 2. kommetje met oor om uit de drinken ♢ ik kom een bakje koffie bij je drinken 1. een Haags bakje [een halfvol kopje]

  • 2020-01-27

    bak

    gevangenis In deze betekenis omstreeks 1900 voor het eerst aangetroffen, in een liedtekst, maar ongetwijfeld al ouder. Het gaat om een lied van Eduard Jacobs (‘Verzoekschrift van een moeder aan HM de Koningin’); Jacobs stond in zijn tijd bekend om zijn rauwe, realistische teksten. De meesterknecht is nou toch lang weer beter Die zit misschien nou thuis op z’n gemak M’n zoon z’n meissie leit nog in het gasthuis En de arme jongen die zit in de bak • Ik draaide hem toen dat verhaal af...

    2020-01-27

    bak

    tray

    2020-01-27

    Bak

    De ruimte in een poldermolen waarin het waterwiel is geplaatst.

    2017-06-21

    Bak (bakje)

    zie ook bakkie; volle bak rijden: 1. aan de - komen,aan de beurt komen; gelegenheid krijgen om te laten zien wat men waard is. De uitdr. heeft gedurende de laatste decennia een betekenisverruiming ondergaan, nl. die van ‘werk vinden’. Bakis een oude zeemansterm voor ‘een grote houten kom of kuip waarin de warme kost voor de matrozen (ingedeeld in groepjes van zes tot acht man) werd opgediend’. Deze bet. vinden we bijv. nog terug in een roman van Jan de Hartog (De kunstenaar,1989): ‘Het...

    2018-11-29

    Riga-bak

    Riga-bak - m. (-ken), zekere gekleurde houten bak.

    2017-12-12

    ad Bak

    Adrianus Johannes Bak was een Nederlands voetballer. Bak speelde zowel in de aanval als op het middenveld en kon met beide benen goed uit de voeten. Vervolgens kwam hij uit voor BVC Rotterdam en Holland Sport. Hij speelde 156 officiële clubwedstrijden voor Feijenoord en werd in 1961 en 1962 landskampioen. Bak kwam eenmaal uit voor het Nederlands voetbalelftal. Lijst van spelers van Feyenoord Lijst van spelers van het Nederlands voetbalelftal Bronnen, noten en/of referenties Oud Feyenoorder...

    2017-03-31

    Bak, bakkie

    Bak, bakkie - zender en ontvanger. Vb.: tot vijf uur op de bak zitten = tot vijf uur communiceren via de zendapparatuur. De ontplooiingsmogelijkheden waarvoor het liberalisme eens heeft gevochten zijn bij Smit-Kroes verengd tot overzichtelijke programmapunten als (... ) een bakkie voor iedere burger. - Vrij Nederland 2.4.1983 ​

    2017-08-03

    volle bak

    SP - tot het uiterste, voluit: volle bak gaan, alles geven. • Michael Boogerd: ‘Erik van kop af, ik schuif door, hij neemt weer over. Dat is door Erik Dekker en de ploegleiding later opgevat als zou ik tegen de ploegorders in volle hak mee zijn blijven rijden. Ik blijf erbij: ik heb absoluut niet volle bak gereden.’ (SCHOB)

    2016-12-27

    Open bak

    Een open bak is een onderdeel van een tunnel, zonder dak, daar waar een tunnel wordt in- of uitgereden.

    2017-12-07

    Aad Bak

    Adrianus Johannes Bak was een Nederlands voetballer. Bak speelde zowel in de aanval als op het middenveld en kon met beide benen goed uit de voeten. Vervolgens kwam hij uit voor BVC Rotterdam en Holland Sport. Hij speelde 156 officiële clubwedstrijden voor Feijenoord en werd in 1961 en 1962 landskampioen. Bak kwam eenmaal uit voor het Nederlands voetbalelftal. Lijst van spelers van Feyenoord Lijst van spelers van het Nederlands voetbalelftal Bronnen, noten en/of referenties Oud Feyenoorder...

    2017-04-04

    Volle bak

    Volle bak - uitverkocht huis, uitverkochte voorstelling. Vgl. Eng. baskets are in, full house.