Synoniemen van Arbeid

2020-01-26

Arbeid

Arbeid -in arbeid zijn (gezegd van zwangere vrouwen): regelmatige weeën hebben. Van Eng. in labour.

2020-01-26

ARBEID

m. moeite, inspanning van lichamelijke (of geestelijke) krachten om iets te verrichten, tot stand te brengen; werk dat moeite kost: leven zonder arbeid is geen leven; de boer oogst de vruchten van zijn arbeid; de arbeid op het veld, in de veenderijen; weinig arbeid voor veel loon; kunst wordt door arbeid verkregen; — verloren arbeid vergeefsche arbeid; — den arbeid hervatten, voltooien; — aan den arbeid gaan, zijn, werken: zware, zure gezette arbeid;— kamers van arbeid, vereenigingen om...

2020-01-26

Arbeid

Arbeid is de inzet van menselijke capaciteit voor het produceren van goederen en diensten, zoals gedefinieerd in de Nationale rekeningen van het CBS. Toelichting De arbeid kan ten behoeve van zichzelf of ten behoeve van anderen ingezet worden, en al dan niet via de markt plaatsvinden.

2020-01-26

arbeid

Alle bezigheden die nut opleveren voor degene die de arbeid verricht, voor zijn of haar naaste omgeving en/of voor de samenleving als geheel.

2020-01-26

Arbeid

Arbeid, als bron van inkomen, zie INKOMEN; Verdeeling van arbeid, zie VERDEELING; Kamers van Arbeid, zie KAMER. Recht op arbeid: In een goed geordende maatschappij behoort eigenlijk ieder, die arbeiden wil, arbeid te kunnen vinden, die hem in staat stelt in het onderhoud van zich en zijn gezin te voorzien. In werkelijkheid bestaat die mogelijkheid echter lang niet altijd (zie WERKLOOSHEID). Pogingen om aan ieder een wettelijk recht op arbeid toe te kennen, hebben echter nimmer goed gewerkt. Zoo...

2020-01-26

Arbeid

Volgens de Heilige Schrift behoort de arbeid tot den adel der menschelijke natuur. Geschapen naar Gods beeld had ook in den staat der rechtheid de mensch van Godswege een roeping, n.l. om den hof te bewaren en te onderhouden (Gen. 2 : 15) en om heerschappij te hebben over de overige aardsche schepping. In deze beide, de roeping tot den arbeid en het heerschen over de natuur is een bepaalde arbeids- en cultuur-waardeering gegeven. Daar de mensch naar Gods beeld is geschapen, en in gehoorzaamheid...

2020-01-26

arbeid

arbeid - Menselijke activiteit die de goederen voortbrengt of de diensten verzorgt die in een economie worden gevraagd. Gebruik ‘arbeiders’ voor de mensen die arbeid verrichten.

2020-01-26

Arbeid

Arbeid - (Mnl.), moeite, smart, pijn, lijden. Geen uitsluitend ascetische term, maar komt in deze beteekenis veelvuldig voor in Mnl. ascetische geschriften, bijv.: Aleven van penitencien ende in abstinencien, ende in pinen en in arbeito.

2020-01-26

Arbeid

Arbeid - m. (g.mv.), 1. moeite, inspanning van lichamelijke en/of geestelijke krachten om iets te verrichten, te verkrijgen, of tot stand te brengen; leven zonder — is geen leven; de boer oogst de vruchten van zijn weinig — voor veel loon; kunst wordt door — verkregen; verloren —, vergeefse arbeid; de — hervatten, voltooien; aan de — gaan, zijn, werken; (spr.) — adelt; — verwarmt, luiheid verarmt; na gedane — is het goed rusten; het geld verzoet de —, maakt dat men de arbeid...

2020-01-26

Arbeid

Arbeid is de inzet van menselijke capaciteit voor het produceren van goederen en diensten, zoals gedefinieerd in de Nationale rekeningen van het CBS.

2020-01-26

ARBEID

is een taak, welke door God aan de mens werd opgedragen, toen Hij „hem in de tuin van Eden plaatste om die te bewerken en te bewaken" (Gen. 2 : 15). Hieruit blijkt reeds, dat arbeid uit zich geen straf is, hij werd dat eerst na de zondeval, want dan pas spreekt God van „zwoegen” en van „in het zweet uws aanschijns zult gij uw brood verdienen" (Gen. 3 : 17-19). Een bijbelse theologie van de arbeid moet nog geschreven worden. Men vindt wel hier en daar enkele teks...

2020-01-26

arbeid

Het werken en denken van mensen bij de productie.

2020-01-26

Arbeid

Op bevrediging van een persoonlijke of maatschappelijke behoefte gerichte inspanning (in tegenstelling tot spel en sport, welke als inspanning op zich zelf een behoefte bevredigen). De A. is de eenige waardescheppende factor der behoeftenbevrediging, welke de aanwezige natuurstof (grondstof) nieuwe nuttige eigenschappen verleent en de natuurkrachten aan de bevrediging van menschelijke behoeften dienstbaar maakt. Daarbij, als gevolg van het feit dat de mensch in het algemeen in staat is door midd...

2020-01-26

arbeid

arbeid - zelfstandig naamwoord uitspraak: ar-beid 1. wat je doet om geld te verdienen ♢ we moeten eens aan de arbeid 1. het schuim van de handel is beter dan de room van de arbeid (TB) [met de handel kun je meer verdienen dan met hard werken] 2. intellectuele arbeid [werk waar...

2020-01-26

Arbeid

Men kan de naar willekeur voortgebragte uitingen van kracht bij de menschen onderscheiden in twee soorten: 1. zoodanige, die om haar zelfs wille voortkomen uit de zucht tot handelen, welke alle levende schepselen is ingeschapen en die onmiddellijk gevolgd worden door een gevoel van voldoening bij hem, van wien zij uitgingen; 2. zoodanige, die te voorschijn geroepen worden met het oog op een doel, dat verder afligt en slechts met moeite kan bereikt worden. Tot de eerste soort brengen we bijvoorbe...

2020-01-26

arbeid

arbeid - Zelfstandignaamwoord 1. (natuurkunde) energie die door een krachtbron geleverd wordt bij verplaatsing van een voorwerp Arbeid is kracht x weg 2. (economie) de primaire productiefactor De bewindsman zei toen te vrezen dat in de toekomst voor veel mensen geen betaald werk meer is, omdat de meeste arbeid straks wellicht door robots of machines wordt verricht. 3. verhandelen van ob...

2020-01-26

Arbeid

De tijd en inspanning die mensen besteden aan de productie van goederen en diensten.

2020-01-26

arbeid

Het werken en denken van mensen bij de productie.

2016-12-31

Betaalde arbeid

Arbeid waar een beloning in geld of natura tegenover staat. Zie ook: Arbeid

2019-07-04

Geschoolde arbeid

Geschoolde arbeid - is de arbeid, waarvoor regelmatige en meer langdurige opleiding vereischt wordt. Zij is onderscheiden van den geoefenden en van den ongeschoolden arbeid. Voor den geoefenden arbeid wordt slechts een oefening van eenige weken vereischt, terwijl bij de ongeschoolde arbeidskracht verondersteld wordt, dat deze de werkzaamheden ineens kan uitvoeren. Als voorbeeld voor den g. a. zou men kunnen noemen het weversberoep; voor geoefenden arbeid het bedienen van een hijschmachine; voor...