Wat is de betekenis van ambitie?

2021
2021-07-29
Redactie Ensie

Schrijver op Ensie

Ambitie

Ambitie is het ernaar streven om carrière te maken of om iets tot stand te brengen. Iemand probeert door veel inzet dit doel te bereiken. Het woord ambitie komt van het Latijnse woord ambitio. Het begrip "gezonde ambitie" kan ook in negatieve zin geïnterpreteerd worden, namelijk als niet wedijverig of agressief zijnde. Wanneer iemand ambitieus is,...

Lees verder
2019
2021-07-29
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

ambitie

ambitie - Zelfstandignaamwoord 1. het begeren een bepaald succes te behalen Het was zijn ambitie niet om daar een carrière van te maken. Woordherkomst uit het Frans

Lees verder
2018
2021-07-29
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

ambitie

ambitie - zelfstandig naamwoord uitspraak: am-biet-sie 1. verlangen om hogerop te komen ♢ hij heeft veel ambitie, hij wordt nog wel eens minister Zelfstandig naamwoord: am-biet-sie de ambitie Synoniemen...

Lees verder
1993
2021-07-29
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Ambitie

eerzucht; lust

1980
2021-07-29
Van aalmoes tot zwijntjesjager

Geschreven door Dr. E. Schröder, 1980

ambitie

zie ambacht

1955
2021-07-29
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Ambitie

eerzucht; ook: lust, ijver.

1952
2021-07-29
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Ambitie

s., ambysje, iver.

1950
2021-07-29
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Ambitie

(<Fr.), v., 1. eerzucht: een man van grote ambitie ; ook mv., begeerte: zijn ambities gingen uit naar een professoraat; 2. grote ijver : de leerlingen toonden niet veel ambitie, lust om te werken ; 3. lust, animo : er was niet veel ambitie bij die verkoping, lust om te kopen.

Lees verder
1939
2021-07-29
Koenen

Woordenboek Koenen

Ambitie

v. (Fr. [Lat. ambition]: eerzucht, eergierigheid; ijver, lust).

1933
2021-07-29
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Ambitie

Ambitie - zie Ambitus. Tegenwoordige beteekenis: het verlangen en streven naar iets eervols. Ook: streven, werklust in het algemeen. Iets ambieeren: naar iets eervols streven.

1898
2021-07-29
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

AMBITIE

v. groote ijver, eerzucht; — de leerlingen toonden niet veel ambitie, lust om te werken; — er was niet veel ambitie bij die verkooping, lust om te koopen. AMBITIEUS, bn. (...zer, -t), zeer ijverig, eerzuchtig.

Lees verder
1864
2021-07-29
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

ambitie

ambitie - v. gmv. eergevoel, eerzucht, eergierigheid; lust, leerlust