Wat is de betekenis van akelig?

2020
2021-03-02
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

akelig

Het begrip akelig heeft 4 verschillende betekenissen: 1) onaangenaam voor de zintuigen. onaangenaam voor de zintuigen; naar. 2) onaangenaam, beangstigend voor het gemoed. onaangenaam, met name beangstigend voor het gemoed; naar; naargeestig; eng. 3) onaangenaam in de omgang. onaangenaam of eng in de omgang. 4) onwel....

Lees verder
2020
2021-03-02
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

akelig

(1913) (mar.+ sold.+ schol.) (ter versterking en meestal in ontkennende vorm) zeer; erg. Als intensivering wordt vooral deze ontkennende vorm gebruikt: 'daar heb ik hem niet zo akelig dik van' (daar heb ik flink de pest over in); 'niet zo'n akelig klein beetje lui.' • Akelig netjes. (Jac. van Ginneken: Handboek der Nederlandsche taal. Deel I....

Lees verder
2019
2021-03-02
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

akelig

akelig - Bijvoeglijk naamwoord 1. onaangenaam, ziek, naar Hij voelt zich al een aantal dagen lang akelig. 2. vervelend Wat een akelige jongen is dat toch! akelig - Bijwoord 1. in hoge mate De huur van...

Lees verder
2018
2021-03-02
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

akelig

akelig - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: a-ke-lig 1. waar je door gestoord of belemmerd wordt ♢ wat is dat een akelig mens 2. waar je een vervelend gevoel bij krijgt ♢ het programma was akelig...

Lees verder
2017
2021-03-02
Soldaten

Jargon & Slang van Soldaten

Akelig

Akelig - als bijwoord gebruikt en ter versterking, in de betekenis van erg, heel. Als intensivering wordt vooral de ontkennende vorm gebruikt: daar heb ik hem niet zo akelig dik van = daar heb ik flink de pest over in. Dergelijke zinswendingen worden dikwijls verkeerd begrepen.

1998
2021-03-02
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc De Coster ©, 1998

Akelig

niet zo - uitdr. gebruikt ter intensivering: erg; in hoge mate. Bijzonder populair in soldaten- en marinetaal, bijv. die broek is niet zo akelig smerig', niet zo’n akelig gewoon feest, maar een evenement-, hij is niet zo’n akelig klein beetje lui.

Lees verder
1950
2021-03-02
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Akelig

bn. en bw., 1. wat de zintuigen of het gemoed onaangenaam aandoet, (sterker dan) naar : een akelige smaak, reuk, lucht; een akelig drankje ; akelige muziek ; een akelig gezicht, beeld, spook, afzichtelijk, pijnlijk om te zien ; — een akelige kamer, akelig licht, naargeestig ; een akelig voorgevoel, een akelige nacht, vree...

Lees verder
1898
2021-03-02
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

AKELIG

Akelig bn. en bw. wat de zintuigen onaangenaam aandoet, (sterker dan) naar: een akelige smaak, reuk, lucht; een akelig drankje; — een akelig gezicht, beeld, spook, afzichtelijk, pijnlijk om te zien; — eene akelige kamer, akelig licht, somber; — eene akelige muziek; een akelig voorgevoel, een akelige nacht, vrees aanjagend; &mda...

Lees verder
1898
2021-03-02
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Akelig

zie Afgrijselijk.