Wat is de betekenis van afgrijselijk?

2020
2021-01-19
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

afgrijselijk

afgrijzen opwekkend. afgrijzen opwekkend; hevige afkeer of angst inboezemend; in hoge mate afschuwelijk of verschrikkelijk. Voorbeelden: Kinderen zien veel tv en video waarop de meest afgrijselijke misdaden en moorden worden gepleegd. Meppeler Courant, 1994 Ik bad dat iets hem zou treffen: een plotselinge blindheid, een afgri...

Lees verder
2019
2021-01-19
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

afgrijselijk

afgrijselijk - Bijvoeglijk naamwoord 1. verschrikkelijk. Hij maakte laatst een afgrijselijke gebeurtenis mee. 2. erg lelijk Wat een afgrijselijke kleur is dat, zeg! afgrijselijk - Bijwoord 1. in hoge mate ...

Lees verder
2018
2021-01-19
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

afgrijselijk

afgrijselijk - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: af-grij-se-lijk 1. heel erg akelig, vies of lelijk ♢ ik vind die kleur afgrijselijk Bijvoeglijk naamwoord: af-grij-se-lijk ... is afgrijselijker dan ... ...

Lees verder
1898
2021-01-19
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Afgrijselijk

AFGRIJSELIJK, AFGRIJSLIJK, bn. en bw. (-er, -st), afschuwelijk, ijselijk, verschrikkelijk: een afgrijselijke moord; dat is afgrijselijk wreed; — versterkingswoord in de gemeenzame spreektaal: dat afgrijselijk dikwijls herhaald gevraag. AFGRIJSELIJKHEID, v. (...heden).

Lees verder