Wat is de betekenis van adresseren?

2019
2021-01-15
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

adresseren

adresseren - Werkwoord 1. een adres ter verzending op een poststuk aanbrengen De brief was verkeerd geadresseerd. 2. (informatica) het adres in een computergeheugen benaderen voor het lezen of opslaan van gegevens De 16-bit adresbus van de eerste generatie perso...

Lees verder
2018
2021-01-15
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

adresseren

adresseren - regelmatig werkwoord uitspraak: a-dres-se-ren 1. ergens een naam en adres op schrijven ♢ deze brief is geadresseerd aan mijn vader Regelmatig werkwoord: a-dres-se-ren ik adresseer ...

Lees verder
2009
2021-01-15
Golfsportwoordenboek

Golfsportwoordenboek door Jan Luitzen

adresseren

(ov ww; adresseerde; h. geadresseerd) - de stand innemen ter voorbereiding van een slag en de stok achter de bal op de grond plaatsen; in een hindernis mag de speler het zand of het water niet met de stok aanraken tijdens het adresseren en heeft hij geadresseerd als hij zijn stand heeft ingenomen. • Volgens de golfetiquette behoort niemand te beweg...

Lees verder
1993
2021-01-15
Vreemd Nederlands

Vreemd Nederlands

Adresseren

een adres schrijven op; richten tot

1973
2021-01-15
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

adresseren

adresseren - adresse'ren [Fr.] (adresseerde, heeft geadresseerd). 1. aan iemand of zijn woning richten: iets aan iemand adresseren, er zijn adres op schrijven of bijvoegen; 2. het adres schrijven op: een brief vergeten te adresseren; 3. zich aan iemand adresseren, zich tot hem wenden, schriftelijk, in persoon, of door tussenkomst van een derde; 4....

Lees verder
1950
2021-01-15
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Adresseren

(adresseerde, heeft geadresseerd), (<Fr.), 1. aan iem. of zijn woning richten: iets aan iem. adresseren, er zijn adres op schrijven of bijvoegen; 2.het adres schrijven op : een brief vergeten te adresseren; 3. zich aan iem. adresseren, zich tot hem wenden, schriftelijk, in persoon, of door tussenkomst van een derde; 4. een adres i...

Lees verder