Wat is de betekenis van Administrateur?

2019
2022-10-06
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

administrateur

administrateur - Zelfstandignaamwoord 1. (beroep) iemand die de administratie bijhoudt Hij is al jaren administrateur van dat bedrijf. 2. (beroep) iemand die namens de eigenaar een onderneming o.i.d. beheert Peter is sinds kort administrateur van Microsof...

Lees verder
2018
2022-10-06
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

administrateur

administrateur - zelfstandig naamwoord uitspraak: ad-mi-ni-stra-teur 1. iemand die de gegevens van een bedrijf bijhoudt ♢ onze administrateur heeft de salarissen berekend Zelfstandig naamwoord: ad-mi-ni-stra-teur de...

Lees verder
2015
2022-10-06
Basisboek Bedrijfseconomie

Basisboek Bedrijfseconomie

Administrateur

Functionaris die zich bezighoudt met de boekhoudkundige verwerking van transacties met financiële gevolgen voor de onderneming.

1993
2022-10-06
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Administrateur

beheerder; boekhouder; hij die een administratie voert

1973
2022-10-06
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

administrateur

administrateur - [Fr.], m. (-s, -en), hij die administratie voert, bestuurder, beheerder, m.n. van (administraties van) geldzaken: de — van een universiteit, van een uitgeversmaatschappij; op departementen van algemeen bestuur: rang boven referendaris.

1963
2022-10-06
Surinaams woordenboek

J. van Donselaar

administrateur

(de, -s, -en), (hist., ook:) beheerder van een of meerdere plantages (A.1) als agent in loondienst van de in Nederland verblijvende eigenaar(s) en zelf i.h.a. wonende te Paramaribo. Van de meeste plantaadjen in de kolonie Suriname is het hoofdbestuur aan administrateurs opgedragen, aangezien er zeer weinige landeigenaren in de kolonie woonachtig z...

Lees verder
1955
2022-10-06
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Administrateur

beheerder, bestuurder; rang boven referendaris aan Departementen van Algemeen Bestuur,

1954
2022-10-06
Agrarisch

Agrarisch Encyclopedie

Administrateur

Bedrijfsleider van landbouwonderneming in Indon., die zowel naar binnen als naar buiten de directie of eigenaar van het landbouwbedrijf vertegenwoordigt.

1952
2022-10-06
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Administrateur

s., bihearder.

1952
2022-10-06
Frans woordenboek (FR-NL) 1950

Dr. F.P.H. Prick van Wely

Administrateur

beheerder; bestuurder; administrateur (foncier), rentmeester.

1950
2022-10-06
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Administrateur

(Fr.), m. (-s, -en), die administratie voert, bestuurder, beheerder; — (Ind.) persoon die namens de eigenaar een plantage, een onderneming, fabriek enz. beheert, thans veelal als rangtitel; — op Departementen van alg. bestuur : rang boven referendaris. ADMINISTRATEURS'WONING, v. (-en), inz. in O.-I.

1948
2022-10-06
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

administrateur

m. beheerder, bestuurder, voogd, regent; N.I. plantagebeheerder.

Lees verder
1937
2022-10-06
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

administrateur

m. -s, -en, (Fr.) beheerder, bestuurder; bewindhebber; O.-I. bestuurder, hoofd v. h. personeel van een Europese grote landbouwonderneming, suikerfabriek enz.; aan boord van mailboten: purser, hoofd van alle voorzieningen dienend tot verzorging der reizigers; op grote kantoren, departementen enz.: hoofd van de binnendienst.

1933
2022-10-06
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Administrateur

(Ned.), 1° Bij vsch. departementen: titel van het hoofd eener afdeeling. 2° Bij de griffiën van de Prov. Staten in vsch. provincies: hoofd van een afdeeling dier griffie. 3° Bij cultuurondernemingen in Ned.-Indië degene, die onmiddellijk boven de employé’s staat.

Lees verder
1930
2022-10-06
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

administrateur

(administrateur) m. (-en, -s) bestuurder.

1914
2022-10-06
De vreemde woorden

De vreemde woorden, verklarend woordenboek door Fokko Bos.

administrateur

administrateur - m., beheerder, bestuurder.

1906
2022-10-06
wink

Wink's vreemde woordenboek

Administrateur

bestuurder; in Indonesië, beheerder van een plantage.

1898
2022-10-06
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Administrateur

ADMINISTRATEUR m. (-s, -en), bestuurder, beheerder; — (Ind.) bestuurder van eene onderneming, fabriek, enz.

Lees verder
1864
2022-10-06
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

administrateur

administrateur - administrator, m. (administrateuren, administratoren), bewindhebber, bestuurder, beheerder