Wat is de betekenis van Adjunct?

2019
2021-05-14
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

adjunct

adjunct - Zelfstandignaamwoord 1. ambtenaar of functionaris, aan een hogere toegevoegd om deze in zijn ambtsbezigheden bij te staan en bij afwezigheid te vervangen Woordherkomst uit het Latijn Verwante begrippen assistent, helper

Lees verder
2018
2021-05-14
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

adjunct

adjunct - zelfstandig naamwoord uitspraak: ad-junct 1. helper en vervanger ♢ Wim is de directeur en Kees is zijn adjunct Zelfstandig naamwoord: ad-junct de adjunct de adjuncten

Lees verder
1993
2021-05-14
Vreemd Nederlands

Vreemd Nederlands

Adjunct

(adjunkt) hulpambtenaar

1955
2021-05-14
vreemd

Vreemde woordenboek

Adjunct

helper, toegevoegde ambtgenoot.

1950
2021-05-14
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Adjunct

(<Lat.), m. (-en), algemene benaming van een ambtenaar, aan een hogere toegevoegd om hem in zijn ambtsbezigheden bij te staan en hem bij afwezigheid te vervangen. ‘t Woord is meest gebruikelijk in : ADJUNCT'-ACCOUN'TANT, m. (-s); ...-ADMINISTRATEUR', m. (-s), (zeew.) een schepeling wiens post het is de officier van administr...

Lees verder
1948
2021-05-14
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

adjunct

1 m. helper, toegevoegde ambtgenoot; 2 aj. toegevoegd.

1928
2021-05-14
Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Adjunct

is in vele gevallen de hoogste op één na. Een adjunct is een ambtenaar, die aan een hogeren is toegevoegd, om hem bij zijn ambtsbezigheden te helpen en zo nodig te vervangen. Een adjunct-administrateur is degene, die aan boord van een schip den officier van administratie bij staat. Men spreekt verder van adjunct-commies, adjunct-inspe...

Lees verder
1916
2021-05-14
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Adjunct

Adjunct - Benaming van een ambtenaar, aan een hoogeren toegevoegd om hem in de ambtsbezigheden behulpzaam te zijn, bij afwezigheid te vervangen enz. A.-administrateur is degene, die aan boord van schepen den officier van administratie bijstaat; a.-commies is een ambtenaar bij de departementen van algemeen bestuur, provinciale staten, enz.; a.-inspe...

Lees verder
1910
2021-05-14
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Adjunct

Adjunct - iemand die aan een ander, hetzij tijdelijk of voor vast, tot hulp in zijne betrekking toegevoegd is.

1898
2021-05-14
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Adjunct

ADJUNCT m. (-en), algemeene benaming van een ambtenaar, aan een hoogeren toegevoegd om hem in zijne ambtsbezigheden bij te staan en hem bij afwezigheid te vervangen.

1864
2021-05-14
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

adjunct

adjunct - adjunkt, m. (adjuncten, adjunkten), helper, bijstander, toegevoegde ambtenaar, tweede in rang