2019-10-23

Adje

Adje is een korte benaming voor ad fundum; studententaal voor het in één keer achteroverslaan van een glas (met bier).

2019-10-23

Adje

Adje - afk. van ad fundum, vooral in de uitdr.: trek in adje. Populair te Nijenrode.

2019-10-23

adje

adje (etym. onzeker: mogelijk naar wout, dat verkeerdelijk als eigennaam werd opgevat?), politieagent: Wantrouwend keken ze nog eens om zich heen of er toch niet een eigenaar (van de boot) of een adje in de buurt was.

2019-10-23

Adje

Adje - Zelfstandignaamwoord 1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord Ad

2019-10-23

Adje

Zie Adrianus Vgl. Atje.

2019-10-23

adje

politieagent In 1903 voor het eerst aangetroffen, in een literaire tekst. In 1906 voor het eerst opgenomen in een Bargoense woordenlijst, De Boeventaal van Köster Henke. De bekende spreekwoordendeskundige F.A. Stoett noemde adje in 1905 in De Amsterdammer, in een artikel over enkele Bargoense namen voor ‘politieagent’, een typisch Rotterdams woord. De herkomst is nooit bevredigend verklaard. Mogelijk komt het simpelweg van adjudant. We vinden het als adje,...

2019-10-23

adje

agent van politie.

2019-10-23

adje

adje - m., (argot) agent van politie.