Wat is de betekenis van absoluut?

2026-07-13
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Absoluut

(<Lat.), bn. en bw., 1. volstrekt, niet betrekkelijk: absolute onzijdigheid; de absolute waarde van een getal’,de absolute ruimte, waarin alleen de aether is; — absolute temperatuur, gerekend vanaf het absolute nulpunt der temperatuur, waarbij de kinetische energie der gassen gelijk nul wor...