Wat is de betekenis van aanvoerder?

2026-01-21
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Aanvoerder

m. (-s), 1. bevelhebber, leider, hoofd; 2. (ontl.) spier die een lichaamsdeel naar de as van het lichaam voert.

Wil je de volledige toegang tot alle 20 resultaten?

Word vriend

Of oriënteer eerst en blader door onze categorieën


Studenten en medewerkers van onderstaande onderwijsinstellingen hebben gratis toegang

Universiteit Leiden University of Amsterdam Universiteit Utrecht
2026-01-21
Algemeen Nederlands Woordenboek

Algemeen Nederlands Woordenboek (2009-heden)

aanvoerder

Het begrip aanvoerder heeft 6 verschillende betekenissen: 1) persoon die een groep aanvoert. degene die een groep of beweging leidt en vaak ook vertegenwoordigt; degene die een groep of beweging aanvoert; leider; ook: instantie die een groep aanvoert, zoals een land of een bedrijf. 2) leider van een sportteam. iemand die een sporttea...