Wat is de betekenis van aanschaffen?

2019
2022-12-07
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

aanschaffen

aanschaffen - Werkwoord 1. (ov) kopen U dient de software na 30 dagen aan te schaffen. Woordherkomst samenstelling van aan(voorzetsel) en schaffen(werkwoord) Synoniemen aankopen Verwante begrippen aanschaf

Lees verder
2018
2022-12-07
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

aanschaffen

aanschaffen - regelmatig werkwoord uitspraak: aan-schaf-fen 1. het kopen om te gebruiken ♢ ik heb een nieuwe computer aangeschaft Regelmatig werkwoord: aan-schaf-fen ik schaf aan (... ik aanschaf) ...

Lees verder
1973
2022-12-07
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

aanschaffen

aan'schaffen (schafte aan, heeft aangeschaft), (vaak met zich) zich door koop in het bezit stellen van, zich voorzien van: boeken, meubelen, —.

1952
2022-12-07
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Aanschaffen

v., oanriede, oanrisse, oantuge, oantúgje; iets, foar eat riede.

1950
2022-12-07
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Aanschaffen

(schafte aan, heeft aangeschaft), 1. <meestal met zich) zich door koop in het bezit stellen van —, zich voorzien van: boeken, meubelen aanschaffen ; 2. (w. g.) opdissen, opschaffen.

Lees verder
1930
2022-12-07
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

aanschaffen

('a:n) (schafte aan, heeft aangeschaft) bezorgen : huisraad -; zich een schrijfmachine -. Syn. zie: aankopen.

1910
2022-12-07
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Aanschaffen

Aanschaffen - koopen, aankoopen.

1898
2022-12-07
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

aanschaffen

Aanschaffen - (schafte aan, heeft aangeschaft), (meestal met zich) het noodige aankoopen; zich voorzien van; opdisschen, opschaffen. AANSCHAFFING, v.