Competentie wat is de betekenis & definitie

Een competentie is het vermogen om op een gecoördineerde wijze middelen aan te wenden om een doel te bereiken. Aan de basis liggen bekwaamheden, maar niet elke bekwaamheid leidt tot een competentie. De interactie en integratie tussen bekwaamheden is bepalend of er daadwerkelijk sprake is van een(kern)competentie.

Alle ondernemingen beschikken over middelen, maar niet elke onderneming is even effectief in het benutten van haar middelen. Wil er sprake zijn van een competentie, dan dient er aan drie voorwaarden moet worden voldaan. Er moet ten eerste een bewust streven naar een doel zijn (louter geluk hebben is geen competentie). Ten tweede veronderstelt een competentie dat de middelen worden aangewend op een georganiseerde wijze. Integratie en coördinatie kunnen per definitie niet willekeurig plaatsvinden, maar zijn het resultaat van inzicht en ervaring. Ten derde, zoals de Engelsen zeggen: ‘the proof of the cake is in the eating’. Het vooropgestelde doel moet worden bereikt, anders is er geen competentie in het spel. Handelingen zonder doel of zonder succes hebben weinig of niets te maken met competentie. Bij het strategisch werken met competenties worden twee niveaus onderscheiden, namelijk het niveau van organisatorische functies en op persoonsniveau.
Op persoonsniveau bestaat een competentie uit vaardigheden, kennis en attitudes die (groepen) medewerkers in staat stellen om de specifieke taken of bezigheden succesvol uit te voeren. Een competentie van een medewerker wordt daarom ook wel eens zijn ‘handelingsbekwaamheid in een concrete ondernemingscontext’ genoemd. Of een medewerker al dan niet over de juiste competenties beschikt om bepaalde taken uit te voeren, hangt dus af van de ondernemingscontext waarin hij of zij werkt.
Onder kennis verstaat men de dingen die een medewerker weet en kent.Vaardigheden stellen mensen in staat om bepaalde fysieke of mentale handelingen uit te voeren. Een attitude is een houding of instelling van medewerkers.