Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

Gepubliceerd op 30-05-2017

gezaghebber

betekenis & definitie

gezagdrager.

iemand die met een bepaald gezag bekleed is of een bepaald gezag heeft; gezagdrager.

Voorbeelden:
Aan het begin van de 19e eeuw zijn de castraten uit de mode; Lodewijk Napoleon, broer van de grote Napoleon, koning van Italië verbiedt het castreren op humanitaire gronden en ditmaal heeft het decreet, wat al vele malen door gezaghebbers is uitgevaardigd, succes.
http://www.let.uu.nl/voice/History/CollegeReinders/Inleiding.html, 2003

De tweede ambtenaar van het Hoog Comité, Willy Vermeulen, verklaarde de voorbije dagen in interviews en voor televisiecamera's dat gezaghebbers "van het hoogste politieke niveau een bewuste verrottingsstrategie" hebben gevoerd tegen zijn politiedienst.
De Standaard, 1996

Maar de functie van het gezag in de gemeenschap is het dienen van het gemeenschapsbelang dat zowel het belang van de gezaghebber is als het belang van zijn onderdanen: de ouderlijke macht dient zowel de ouders als de kinderen, de echtelijke macht zowel de man als de vrouw.
http://allserv.rug.ac.be/~frvandun/Texts/Rechtsfilosofie/RFgent-0.htm, 1997