Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

Gepubliceerd op 30-05-2017

Amsterdammer

betekenis & definitie

iemand uit Amsterdam.

iemand die afkomstig is uit Amsterdam; inwoner van Amsterdam.

Voorbeelden:
'D'r is maar één Artis!' riep hij met het chauvinisme van de ware Amsterdammer.
Simon Carmiggelt, Welverdiende onrust, 1982

Het Vondelpark is zonder twijfel het bekendste en drukst bezochte park van Nederland. Voor veel Amsterdammers fungeert het als een publieke achtertuin waarin men kan wandelen, in de zon zitten, voetballen of de hond uitlaten.
NRC, 1993

De voorstellen van ondergetekenden leiden tot een nog levendiger, mooier en gezelliger Amsterdam, voor Amsterdammers en voor bezoekers. Levendiger waterkanten. Als Amsterdammers zijn we trots op de grachten en op het water in de stad. Het maakt onze stad mooi en speciaal.
http://www.groenlinksamsterdam.nl/binnenstad/