Amnesty International

Ontleend aan de encyclopedie van de mensenrechten

Gepubliceerd op 22-05-2015

2015-05-22

Islam

betekenis & definitie

De islam is een godsdienst waarvoor de grondslag werd gelegd door de profeet Mohammed (570-632). Het woord islam betekent onderwerping of overgave aan God, Allah, en is gebaseerd op het boek van de Heilige Koran, dat aan Mohammed werd geopenbaard.

De islam breidde zich in de eerste eeuwen uit van Spanje tot ver in Azië, maar werd in de 16e-17e eeuw teruggedrongen. In de tweede helft van de 20e eeuw, toen de landen van het Midden-Oosten weer onafhankelijk werden, kwam er een nieuwe opleving waarin de islam zich ook als politieke kracht ontwikkelde. Als zodanig is de islam nu een dominante of belangrijke factor in het Midden-Oosten, Midden- en Zuid-Azië, Indonesië, Noord-Afrika en in gemeenschappen van immigranten in het Westen.

De islam telt wereldwijd ongeveer een miljard aanhangers. Er zijn vele stromingen in de islam, de bekendste zijn die van de sjiieten en de soennieten. Islamitische ideeën over mensenrechten benadrukken de absolute gelijkheid van mensen, ongeacht ras, religie, nationaliteit of status. Volgens de Koran is geen volk superieur aan enig ander. De mens is heilig en mag niet worden gedood, behalve als uitvloeisel van een wettig proces. Er bestaat geen dwang in religie en de verscheidenheid van religies is door God gegeven. Rechtvaardigheid moet altijd de overhand hebben boven haat. De Koran schrijft tevens vele plichten voor. De repressieve opvattingen van de islam, zoals in het fundamentalisme, zijn minder gebaseerd op de Koran dan op latere interpretaties in de sharia (islamitische wet).

Over geen religie is in verband met de mensenrechten de laatste jaren zo veel discussie gevoerd als over de islam. Amnesty roept religieuze leiders op tot het uitdrukkelijk verwerpen van de doodstraf, geweld tegen vrouwen, rassendiscriminatie, religieuze onverdraagzaamheid en andere mensenrechtenschendingen, zoals verwoord in de Universele Verklaring.