Agrarisch Encyclopedie

Veerman (1954)

Gepubliceerd op 17-11-2021

Kalk

betekenis & definitie

is het oxyde (nl. CaO) van het element calcium (Ca).

Voor de bodem is de hoeveelheid Ca, die aanwezig is, van grote betekenis. Het is met het waterstofion (H+ kwantitatief het belangrijkste ion, daar de verhouding van deze twee ionen voor praktisch alle gronden de zuurtegraad bepaalt. De aanwezigheid van voldoende Ca is tevens noodzakelijk voor een goede structuur van de grond.

Ca is één van de noodzakelijke elementen voor de plant. Het verbindt zich in de plant met de organische zuren tot zouten en beinvloedt daardoor de stofwisseling der zuren, die voor de opbouw van de plant noodzakelijk is.

Ca is een der voornaamste minerale bestanddelen van het dierlijk organisme en als zodanig onmisbaar voor alle huisdieren. De voornaamste functies van kalk in het organisme zijn de volgende:

a. Het is noodzakelijk voor de vorming en voor het behouden van een voldoende stevig skelet en gebit. Ongeveer 99 % van alle in het lichaam aanwezige k. bevindt zich in het geraamte, hoofdzakelijk als tricalciumfosfaat gecombineerd met calciumcarbonaat.
b. De kleine hoeveelheid k. buiten het geraamte is niet minder belangrijk, want alle lichaamscellen hebben k. nodig om goed te functionneren.
c. Kalk speelt een rol bij de bloedstolling, bij de regulering van de prikkelbaarheid van zenuwen en spieren, bij het handhaven van het zuurbase-evenwicht en bij de meer of mindere permeabiliteit van verschillende slijmvliezen. In de melk en in de eischaal komt k. voor.